"end of the world" 7,700,000 sites!
Ontspoord Geloof
De onzin van profetieën en de bevrijding ervan
Volwassen Geloof                                                                                     Hoofdstuk 12

        







We staan er voortdurend verbaasd van wat er al niet wordt uitgevonden op het gebied van geweld. Maar ik voor mij geloof dat nooit eerder gedroomde en voor totaal onmogelijk gehouden ontdekkingen gedaan zullen worden op het gebied van geweldloosheid.
[Mahathma K. Gandhi]





"end of the world" 7,700,000 sites!

Zoals we ons herinneren was het ‘de dag van de wrake van onze God’ uit Jesaja die door Jezus werd weggelaten toen Hij zijn optreden karakteriseerde. De bijbelgetrouwe gelovigen hebben natuurlijk niet stilgezeten om alle touwtjes in de bijbel weer aan elkaar vast te knopen. Het weglaten van de wraak van God kan natuurlijk nooit betekend hebben dat God opeens verandert van plannen of karakter. Nee, ‘de dag der wrake van onze God’ staat ons te wachten op een ander tijdstip! Het slaat op de volgende fase van het optreden van Jezus. Het is als het ware uitgesteld, zodat het evangelie overal gepredikt kan worden, maar zal daarna in vervulling gaan. Zo komen we op het onderwerp van de eschatologie, de leer der laatste dingen. Dit onderwerp is tegenwoordig zo populair dat gesteld kan worden dat het voor vele gelovigen de basis voor hun gehele leven is. Sla op google ‘the end of the world’ in en je krijgt 7.7 miljoen sites; ‘antichrist’ is goed voor 4½ miljoen, ‘second coming’ levert 3½ miljoen sites op, ‘rapture’ (‘de opname’) is uiterst populair met ongeveer 10.3 miljoen sites, maar meer nog dan dit verlangen van de christenen om deze wereld maar gedag te zeggen is de menselijke fascinatie met de laatste superoorlog, het ‘armageddon’: een topper met meer dan 23 miljoen sites! Jammergenoeg teveel om deze uiterst belangrijke informatie door te nemen vóór het einde komt (want zoals iedereen weet is het einde altijd zeer nabij)...

Dit alles is niet zo vreemd, wanneer je je bedenkt dat de grote theoloog Albert Schweitzer al honderd jaar geleden aantoonde dat het gehele Nieuwe Testament in eschatologische termen gelezen en verstaan dient te worden. Het christendom ontstond in de tijd dat men het einde van de wereld in de nabije toekomst verwachtte. Veelvuldig wordt hierover in het Nieuwe Testament gesproken. Zo knopen de tegenwoordige gelovigen hierbij aan en hebben ze een grote voorraad aan teksten. Vaak krijgen wij de indruk dat dit eindtijddenken iets van onze tijd is omdat de moderne wereld als benauwend op ons afkomt, maar wanneer we de geschiedenis doorgaan, zullen we zien dat eindtijddenken in alle tijden aanwezig geweest is en altijd behoort tot het meest geliefkoosde tijdverdrijf van bezorgde maar hulpeloze en zich eenzaam voelende mensen. Wraak op de wereld is de uiting van ons zieke menszijn (evenals een gemakkelijke manier om 'verlossing' voor onszelf te verkrijgen, het tweede basisingrediënt van de christelijke godsdienst). Het doemdenken begint al eeuwen voor Christus in de profetische boeken van de bijbel. Alle profetische geschriften kunnen we kenschetsen als lange uitgerekte preken met maar één onderwerp: aankondiging van godsoordeel en doem als straf op de zonde. Er zijn af en toe ook visioenen van uiteindelijk herstel en zegen, maar dit doet niets af van het basisonderwerp:


Ezechiël 7: ‘Het woord van Jahweh kwam tot mij: Gij nu, mensenkind, zo zegt de Here Jahweh over het land Israëls: het einde komt! Het einde over de vier hoeken des lands! Nu breekt het einde voor u aan, want Ik zal mijn toorn tegen u loslaten, Ik zal u oordelen volgens uw wandel en al uw gruwelen aan u vergelden. Ik zal u niet ontzien en geen medelijden hebben, maar Ik zal uw levenswandel aan u vergelden, uw gruwelen zullen op u neerkomen, en gij zult weten dat Ik Jahweh ben. Zo zegt Jahweh: Onheil op onheil! Zie, het komt! Er komt een einde; het einde komt! Het breekt aan over u! Zie, het komt! De doem komt over u, inwoner des lands! De tijd komt! De dag is nabij! Verwarring en geen vreugdegeroep op de bergen1 Nu zal Ik weldra mijn grimmigheid over u uitstorten en mijn toorn ten volle over u brengen...Ik zal niets ontzien en geen medelijden hebben...Zie de dag! Zie, het komt! De doem voltrekt zich...Niets zal er van hen overblijven...Ik zal de kwaadaardigste volken doen komen en deze zullen hun huizen in bezit nemen...Angst komt; dan zullen zij behoud zoeken maar het is er niet: Ramp op ramp zal komen...’


Jesaja 34: ‘Nadert gij volken om te horen; en gij natiën, let op! De aarde hore en haar volheid, de wereld en al wat daaruit ontspruit. Want Jahweh koestert toorn tegen alle volken en grimmigheid tegen al hun macht. Hij heeft hen met de ban geslagen, hen ter slachting overgegeven. Hun verslagenen liggen neergeworpen en de stank van hun lijken stijgt op, ja de bergen versmelten van hun bloed. Al het heer des hemels vergaat en als een boekrol worden de hemelen samengerold...want mijn zwaard is in de hemel dronken geworden...de Here heeft een zwaard vol bloed...want Jahweh houdt een dag van wraak, een jaar van vergelding.’









Meedogenloze Wraak

Waar het in dit e-boek in de eerste plaats om gaat is te zien wat bijbelgetrouwe christenen nooit zien, hoewel het er veelvuldig letterlijk staat: alles wat aan ‘de dag des Heren’ vastkleeft is de wraak van God. Dit zien we het duidelijkst tot uiting komen wanneer we opmerken dat Jahweh uitspreekt de kwaadaardigste volken, dus de grootste barbaren met de meest mensonterende praktijken, op te roepen om zijn eigen volk te straffen. Een onmogelijke gedachte, hetwelk totaal niets met rechtverschaffen te maken heeft! Merk in bovenstaande tekst ook op hoe God afgeschilderd wordt als zo buitengewoon vertoornd, dat Hij geen enkel medelijden meer heeft, alweer een onmogelijke gedachte. In Ezechiël komen we ook zo'n tekst tegen die eerder doet denken aan een dolgedraaide vader die zijn zelfcontrole volkomen verloren heeft en het slachtoffer is van zijn eigen grenzeloze woedeuitbarsting, dan aan een verheven wezen waar we redelijkerwijs de naam God aan zouden kunnen geven:


Ezechiël 24:9-14: Daarom – dit zegt God, Jahweh: Wee de bloedstad [Jeruzalem]! Ikzelf zal een groot vuur aanleggen. Zorg voor veel brandhout, steek het vuur aan, laat het vlees verbranden, het vocht verkoken en de botten verkolen. Laat de pot leeg op het vuur staan, zodat hij heet wordt en het koper gaat gloeien, om alle onreinheid in de pot te laten wegsmelten en het vuil te laten verdwijnen. Maar al die moeite zal vergeefs zijn: het vele vuil wil er niet af, het wordt door het vuur niet weggebrand. Jouw onreinheid is je schande; omdat je niet rein bent geworden toen ik je wilde reinigen, zul je van je onreinheid niet meer worden gezuiverd voordat ik mijn woede op je heb gekoeld. Ik, Jahweh, heb gesproken, en zo zal het gebeuren, zo zal ik het doen. Ik zal je niet ontzien, ik zal geen medelijden tonen , ik zal geen berouw krijgen."


In het volgende hoofdstuk rekent God vervolgens af met alle omringende volkeren die Israël dwars zaten. Iemand zou redelijkerweijs kunnen opperen dat Israëls belagers mooi Jahweh een handje hielpen met zijn opruimwerk, maar nee, alleen Jahweh zelf mag zijn volk meedogenloos straffen, andere volken moeten eerbied en ontzag hebben voor dit zootje zondaren waar Jahweh de buik vol van heeft:


Ezechiël 25: Jahweh richtte zich tot mij: ‘Mensenkind, richt je blik op de Ammonieten en profeteer tegen hen. Zeg tegen de Ammonieten: “Luister naar de woorden van God, Jahweh! Dit zegt God, Jahweh: Jullie hebben je vrolijk gemaakt toen mijn heiligdom werd ontwijd, toen het land van Israël werd verwoest en het volk van Juda in ballingschap ging. Daarom zal ik jullie land in eigendom geven aan de stammen uit het oosten. Zij zullen er hun tenten opslaan en er hun woonplaats van maken; zij zullen jullie vruchten eten en je melk drinken. Van Rabba maak ik een weideplaats voor hun kamelen, en hun schapen zullen zich op je land te ruste leggen. Zo zullen jullie weten dat ik Jahweh ben. Ook dit zegt God, Jahweh: Jullie hebben je handen op elkaar geslagen en met je voeten gestampt en vol minachting gelachen over het lot van Israël. Daarom zal ik mijn hand tegen jullie opheffen en je uitleveren aan vijandige volken. Ik zal jullie uit de kring van de volken verwijderen, jullie land zal niet langer bestaan. Ik zal jullie vernietigen; zo zullen jullie weten dat ik Jahweh ben.”
Dit zegt God, Jahweh: Moab – en ook Seïr – heeft gezegd dat het volk van Juda niet anders is dan alle andere volken. Daarom zal ik de steden op de berghellingen van Moab verwoesten, alle steden, tot de laatste toe. Ook de allermooiste zullen ten onder gaan: Bet-Hajjesimot, Baäl-Meon en Kirjataïm. Net als Ammon zal ik Moab in eigendom geven aan de stammen uit het oosten. Geen volk zal zich de Ammonieten ooit nog herinneren. Zo zal ik ook Moab straffen; ze zullen weten dat ik Jahweh ben.
Dit zegt God, Jahweh: Edom heeft zich op het volk van Juda gewroken en zo een zeer zware schuld op zich geladen. Daarom, zegt God, Jahweh, zal ik mijn hand tegen Edom opheffen. Ik zal er mens en dier uitroeien, ik zal het land verwoesten; van Teman tot Dedan zullen allen door het zwaard worden geveld. Door Israël, mijn volk, zal ik mij op Edom wreken: Israël zal Edom treffen met mijn woede en mijn toorn, en zo zal Edom mijn wraak leren kennen – spreekt God, Jahweh.
Dit zegt God, Jahweh: De Filistijnen zijn wraakzuchtig geweest, ze hebben zich vol minachting gewroken; gedreven door een eeuwigdurende haat hebben ze verwoestingen aangericht. Daarom, zegt God, Jahweh, zal ik mijn hand tegen de Filistijnen opheffen. Ik zal die Kretenzers uitroeien, en wie er van hen in de kustvlakte nog in leven is, richt ik te gronde. Ik zal mij meedogenloos op hen wreken, in mijn toorn zal ik hen straffen, en dan, als mijn wraak hen treft, zullen ze weten dat ik Jahweh ben.’


Hoe verdraaien we ons denken door te beweren dat Gods wraak, deze uiterste medogenloosheid, dit oproepen van ’s werelds grootste barbaren om te straffen, zijn aankondiging totaal niets te ontzien, totaal geen medelijden te hebben, in overeenstemming te brengen is met Rechtvaardigheid en Liefde? Zo zijn we het altijd met elkaar eens wanneer we zeggen dat menselijke wraak en oorlogsvoering zondig zijn en een perversie van ons menszijn, maar wanneer God wraak neemt en oorlog voert op de meest krachtige, meedogenloze en onzinnige wijze, met een zwaard dat dronken is van bloedlust, spreken de gelovigen dit goed door het gelijk te stellen met rechtvaardigheid. Er is niets grotesker dan zulk een godsdienstig geloof.


Natuurlijk wordt ook dit met kunst en vliegwerk weer omgedraaid in de theologie van bijbelgetrouwe christenen: alles wat met de Dag des Heren te maken heeft wordt gezien als een climax in de opstand van de mens tegen God. De mens krijgt weer de schuld van alles, doet het zichzelf aan. Het is altijd dezelfde truc die uit de doos wordt gehaald. Maar veel teksten, zoals de hierboven aangehaalde laten zonder twijfel zien dat we met een aktieve God te maken hebben. [1] Het gaat hier niet slechts om gebeurtenissen die een alwetend God van te voren ziet aankomen. En zelfs al zou het zijn dat de mensheid in het laatst der dagen zal verkillen in de liefde -een absurde gedachte- wat moeten we denken van een God die hierop zo reageert:


‘Maar als de slaaf slecht was en in zijn hart zou zeggen: Mijn heer blijft uit, en hij zou beginnen zijn medeslaven te slaan en met de dronkaards zou eten en drinken, dan zal Jahweh van die slaaf komen op een dag, dat hij het niet verwacht, en op een uur dat hij het niet weet, en hij zal hem folteren en hem in het lot der huichelaars doen delen. Daar zal het geween zijn en het tandengeknars.’ (Matth. 24, slotwoorden van Jezus' rede over de laatste dingen).


En wat moeten we denken van een God die energiek meedoet aan de slachtingen? Zo wordt het Armageddon in het Oude Testament op de bekende oudtestamentische wijze geschilderd als komende uit Gods hand terwijl God weer de rol van oorlogsheld toebedeeld krijgt:


Dan zal Ik alle volken tegen Jeruzalem ten strijde vergaderen; de stad zal genomen worden, de huizen zullen worden geplunderd en de vrouwen geschonden. De helft van de stad zal wegtrekken in ballingschap, maar de rest van het volk zal in de stad niet uitgeroeid worden. Dan zal Jahweh uittrekken om tegen die volken te strijden, zoals Hij vroeger streed, ten dage van de oorlog; zijn voeten zullen te dien dage staan op de Olijfberg...dan zal de Olijfberg middendoor splijten, oostwaarts en westwaarts, tot een zeer groot dal...en gij zult de vlucht nemen zoals gij de vlucht genomen hebt voor de aardbeving in de dagen van Uzzia...Dan zal dit de plaag zijn, waarmee Jahweh alle volken zal treffen, die tegen Jeruzalem zijn uitgetrokken: Hij zal ieders vlees, terwijl hij nog op zijn voeten staat, doen wegteren, en ieders ogen zullen wegteren in hun kassen, en ieders tong zal wegteren in zijn mond. Ja, te dien dage zal er onder hen een grote, door Jahweh bewerkte, ontsteltenis wezen...’ (Zacharia 14).


Precies dezelfde dingen kunnen we zeggen wanneer we naar het Nieuwe Testament gaan. In feite brengt het boek Openbaring het absurde van de wrekende God tot een hoogtepunt. Het is vreemd, we houden ons vreselijk bezig met escalerende tegenstellingen in de wereld, dreigende oorlogstoestanden en dergelijke. We zijn heel verontwaardigd over het beestachtige handelen van de mens. Maar de gelovigen zijn nooit verontwaardigd over het beestachtige optreden van God in het boek Openbaring. Een ieder die de bijbel leest ziet dat Hij meedoet als de Grote Maarschalk, degene die op deze gruwelijke manier al zijn Grote Plannen uitwerkt. En wanneer we deze weerzinwekkende dingen over oorlog, verwoesting, wraak en toorn lezen moeten we alles maar zien als Rechtvaardig en Goed en Perfect. Dit denken is de verkrachting van ons humaan denken. Als illustratie van wat ik bedoel en hoe evangelisch denken in zijn werk gaat, de woorden van een baptistendominee, Arthur Pink (1886-1952) lezen. Zo vangt hij een overdenking over ‘De Toorn van God’ aan:


‘Het is bedroevend zovele belijdende christenen tegen te komen die de toorn van God zien als iets waar ze zich voor moeten verontschuldigen. Zelfs al doen ze dit niet, dan zouden ze toch het liefst zien dat er in het geheel niet zoiets was als ‘toorn van God’. Velen gaan niet zover uit te spreken dat ze het als een smet op het karakter van God beschouwen, maar ze kunnen zich er toch niet over verheugen. Ze denken er liever helemaal niet aan. Zelfs zij die de toorn van God wel kunnen aanvaarden, hebben er veelal moeite mee de gestrengheid van deze toorn onder ogen te zien en te gebruiken om zich ermee op te bouwen. Sommigen verkeren zelfs in de illusie dat Gods toorn in tegenstrijd verkeert met Gods goedheid...De Toorn van God is evenzeer een uiting van goddelijke perfektie als Zijn Trouw, Macht, Genade. Het moet wel zo zijn, want in het karakter van God kán geen smet gevonden worden.’


De dominee vervolgt de preek met uit te wijden over het nut van het overdenken van Gods vreselijke straf. Ten eerste omdat het ons bang zal maken en zo de zonde kan voorkomen en voorts omdat het een test is of we God wel echt lief hebben. Als we Hem niet waarlijk liefhebben voor wat Hij is, hoe zou de liefde van God dan in ons kunnen wonen? Dan laat hij ons zien wat de bijbelse lering is over Gods toorn:


‘Jubelt, gij natiën, om zijn volk, want Hij wreekt het bloed van zijn knechten, Hij oefent wraak aan zijn tegenstanders, en verzoent zijn land, zijn volk.’(Deut. 32:43)
‘Indien wij ons er niet in verheugen dat de dag van Gods toorn spoedig aanbreekt over alles wat goddeloos is, en Hij wraak neemt op al wat Hem vijandig is, dan is het er een bewijs van dat wij ons niet aan Hem onderworpen hebben, een bewijs dat we in zonde leven.’


En hij eindigt zijn overdenking met de woorden:


‘Preken wij dominees over dit onderwerp wel genoeg? De profeten van het Oude Testament schuwden dit onderwerp niet! De wereld van tegenwoordig is niet beter dan hij toen was! Niets schudt onverschillige mensen zo wakker dan uit te wijden over de toorn van God.’(Gleanings in the Godhead).


Hier zien we de slaafse bijbelgelovige ten voeten uit: hij kán niet denken met zijn eigen gedachten, omdat hij slaaf van de bijbel is. De bijbel is Gods openbaring dus: Kwaad=Goed, Haat=Liefde, Wraak=Rechtvaardigheid enz. al strijden al onze gevoelens en rationele gedachten ertegen. We zien ook hoe dit denken op perversie uitloopt: de man Gods doet een beroep op de angst: een uitstekend middel om mensen te doen bekeren! Wat is het droevig dat alle tijden door de mensheid heeft moeten lijden onder dit soort predikers, mensen die zich ‘mannen Gods’ durven noemen! Ik begin de uitspraak van Robert Ingersoll te begrijpen:


‘Iedere preekstoel is een schandpaal waar een gehuurde schuldige staat, die voortdurend zijn eigen gevangenstraf verdedigt’. (1871)









Ontspoord Geloof

Er zijn tegenwoordig inderdaad evangelische gemeentes waar men jaar in jaar uit niets anders doet dan de ‘tekenen des tijds’ bestuderen. En ze wachten maar, bladeren in hun luie stoel verwoed hun bijbeltjes met onderstrepingen door en vragen ertussendoor of ze nog een kopje koffie mogen. Met ongelofelijke luchthartigheid worden de grofste uitspraken gedaan. Ik hoorde eens in een preek: ‘Dat wat Israël in de 2e wereldoorlog heeft meegemaakt, is nog maar een kleinigheid van wat Israël nog te wachten staat in de eindtijd.’ Je vraagt je dan af hoe in godsnaam het mogelijk is dat mensen met zulk totaal onbenul in hun kennis en gevoelens aangesteld zijn als leiders van een gemeente. Met welk een luchthartigheid maken ze van lijden kleinigheden, met welk een onbeschaamdheid van het evangelie een aanfluiting. Eindtijdchristenen hebben geen idee van de barbaarse draagwijdte van hun gedachten en van de talloze absurde denkkronkels over de eindtijd waar de christenheid al 2000 jaar lang mee gepest is. Als je het ze vraagt zullen ze zeggen in een God van liefde te geloven, en hebben totaal niet door dat hun eigenlijke god een monster is die het gros van de mensheid zal vernietigen en veroordelen tot de hel.


Zoals iedereen weet is het hoogtepunt van Gods doodsoordelen in het laatste bijbelboek te vinden, de Openbaring (Apocalyps) van Johannes. Het boek laat ons weten dat God op het eind van de geschiedenis ongeëvenaarde rampspoeden en godsoordelen klaar heeft staan, zulke vreselijke dingen dat we die in fantasiefilms altijd te zien krijgen in de vorm van een of andere psychopaat die er sadistisch plezier in heeft alles te verwoesten en mensen te doden na ze eerst flink hebben doen lijden. Ons worden godsoordelen beschreven als aardbevingen, een zon die zwart wordt, een maan die in bloed verandert, een hemel die terugwijkt als een boekrol. Alle bergen en eilanden worden van hun plaats gerukt. En dat allemaal vanwege de toorn van het Lam (Openb. 6). Dwz Jezus, dezelfde goede Herder als in de evangeliën die zich over dat ene zielige afgedwaalde schaapje ontfermt! (En dat terwijl van Jezus in de bijbel letterlijk ook gezegd wordt dat Hij eeuwig dezelfde is!) En alsof dat nog niet genoeg is wordt er in Openbaring 8 en 9 nog een schepje bovenop gedaan: hagel en vuur, vermengd met bloed dat een derde deel van de aarde verbrandt, het derde deel van de schepselen in de zee wordt gedood door ‘een berg brandend van vuur’, een grote ster, brandend als een fakkel, valt uit de hemel. Bovendien wordt het derde deel van de zon, de maan en de sterren getroffen. Wat de sterren betreft is dit natuurlijk een totaal absurde gedachte, maar hoe zou Johannes dat hebben kunnen weten (en wat is gelovigen tenslotte gelegen aan de realiteit van het heelal). Sprinkhanen worden tevoorschijn gehaald, die niet doden maar voortdurend de mensheid vijf maanden lang zo zullen pijnigen dat velen liever de dood zoeken! En in Openbaring 9 horen we dat een derde deel van de mensheid door vier engelen gedood wordt (Openb. 9: 15). Voor de duidelijkheid, dat zou tegenwoordig al meer dan 2000 miljoen mensen betekenen! En elke tien jaar dat het oordeel nog uitgesteld wordt groeit de wereldbevolking tegenwoordig met ongeveer 1000 miljoen mensen, waar dus een derde deel van wordt uitgeroeid.


We kunnen sommige dingen natuurlijk best uitleggen met rampen die de mensheid zelf over zich uitstort, maar dit gaat in geen geval op om het geheel van de toekomstvisioenen uit te leggen, zeker niet wanneer engelen bezig zijn met het vernietigen van de mensheid. Het is de voor gelovigen onmisbare flauwe truc die keer op keer opnieuw uit de kast gehaald moet worden om de barbaarse God van de bijbel te redden. Hoe lang nog halen we onze eigen menselijkheid steeds maar door het slijk? Hoe lang nog laten we ons door de godsdienst van oorlog, straf, wraak en veroordeling opjutten om van het leven en deze wereld een hel te maken, om ons leven altoos maar op angst en negativiteit gebaseerd te doen zijn?
Een ieder die zich in deze christelijke leringen verdiept zal óf zijn denken volkomen verdraaien, de betekenis van liefde volledig verliezen óf inzien dat uiteindelijk de God van de bijbel van begin tot eind een barbaar is. Ook wordt de gelovige zelf een ongevoelig persoon als hij alles maar blijft uitleggen door te wijzen op ‘Gods rechtvaardige straf’. Dit onderwerp is trouwens een goede graadmeter om te zien in hoeverre een gelovige een slaaf is van zijn ideologie. Een moedige man als bijvoorbeeld Luther kon het opbrengen te stellen dat het boek Openbaring niet geïnspireerd is en niet in de bijbel thuishoort. De boodschap van de Apocalyps was voor hem zo overduidelijk dat zelfs hij met zijn velerlei middeleeuwse gedachten zag dat je hierdoor barbaars in je denken wordt. Maar wie handhaaft dat de schrijver van het Johannesevangelie en de brieven van Johannes dezelfde schrijver is als die van het boek Openbaring, doet zijn denken grof geweld aan. Uit angst de bijbel tegen te spreken verdraait hij zijn denken zodat hij tegelijkertijd kan uitroepen ‘God is liefde’ en denken dat God zich straks wreekt door sprinkhanen op te wekken die de mensheid zo pijnigen dat ze liever de dood zoeken! Zo iemand lijdt werkelijk aan schizofreen denken. Luther had de durf liever voor ketter verklaard te worden dan zichzelf een barbaar te voelen. Ik doe dezelfde keus in mijn leven. Het boek Openbaring is niet alleen volkomen nutteloos -het dient slechts om de ego van bepaalde 'uitleggers' te strelen-, maar het is ronduit schadelijk voor iemands denken, aangezien de enige functie van het boek Openbaring is het aanjagen van angst (om mensen in de greep van het evangelie te houden) en het bevredigen van zielige wraakgevoelens van zich in het leven zwak en ellendig voelende gelovigen.


Ook de barbaarsheid van het laatste bijbelboek heeft zijn wortels in het Oude Testament. Lees hoe het Oude Testament ons op dezelfde manier onderwijst over de ‘Dag des Heren’:


Jesaja 13: ‘Zie, de Dag des Heren komt, meedogenloos, met verbolgenheid en brandende toorn, om de aarde tot een woestenij te maken en haar zondaars van haar te verdelgen. Want de sterren en de sterrenbeelden doen hun licht niet stralen, de zon is bij haar opgang verduisterd en de maan laat haar licht niet schijnen...Daarom zal Ik de hemel doen wankelen en de aarde zal bevend van haar plaats wijken door de verbolgenheid van Jahweh, ten dage van Zijn brandende toorn.’


Een ieder die op de Dag des Heren studeert zal zien dat in het Oude Testament met een soort uitvergrote beeldspraak, de stijlvorm eigen aan de heetgebakerde cultuur van het Midden Oosten, de toekomstige ondergang van Gods volk wordt verkondigd. Langzaamaan wordt dit thema uitvergroot tot gebeurtenissen die letterlijk de gehele aarde omvatten en letterlijk een keer in vervulling zullen gaan. In de paar eeuwen voor en na Christus groeit de apocalyptische literatuur uit tot een van de populairste literatuurvormen, te vergelijken met de tegenwoordige spektakelfilms uit Hollywood. [2] Hollywoodfilms en eindtijdpredikers komen dan ook typisch beiden uit het meest christelijke land van de wereld, ze schijnen bij elkaar te horen. Het geeft een goed beeld van het toppunt van christelijke schizofrenie: juist de mensen die zeggen zich volkomen te hebben overgegeven aan de christelijke godsdienst van de liefde zien we tezelfdertijd met dit hoogtepunt van barbaarsheid in hun denken komen.[3]


Een groot deel van het evangelische christendom doet niets liever dan het verkondigen van Gods wraak en oordelen over de volken van tegenwoordig. Lees een voorbeeld van hoe ‘bijbelgetrouwe’ christenen met de bijbel omgaan:


‘Terwijl de aloude Filistijnen al meer dan 2500 jaar volledig van de aardbodem verdwenen zijn, komen ze toch weer voor in de verschillende profetieën over de eindtijd. De Palestijnse terreurbaas Arafat spreekt ook steeds over zijn Filistijnse volk, maar er bestaat hiervoor geen enkel historisch bewijs. Bovendien zouden in dit geval de huidige Palestijnen geen Arabieren maar Grieken zijn. De beweringen van Arafat slaan dus helemaal nergens op. De profeet Zacharia maakt duidelijk dat we hier te maken hebben met een ‘bastaardvolk’ .

Zacharia 9:5-6-7: ‘dan zal de koning uit Gaza verdwijnen en Askelon zal onbewoond zijn. Dan zal een bastaardvolk in Asdod wonen, en Ik zal de trots der Filistijnen uitroeien’.


De Filistijnen van de oudheid waren geen bastaards. Het is nooit van de Filistijnen uit het verleden gezegd. Het slaat op de Filistijnen van de eindtijd. Het huidige Gaza is het oude Filistijnse gebied en zij die daar nu wonen koesteren dezelfde haat tegen de Joden, als de Filistijnen vroeger deden. Het gaat om een ‘volk’ dat zich pas sinds 1964 Palestijnen noemen. Vóór 1948 waren het juist de joden die de "P" van Palestijnen in hun paspoort droegen. In de Tweede Wereldoorlog was er zelfs een speciale ‘Palestijnse’ brigade, die uit joden bestond en meevocht tegen de Duitsers. Sinds 1964 zijn het ineens de niet-joden die zich Palestijnen noemen.

Het feit dat de Bijbel hen bastaards noemt, betekent dat de Filistijnen van de eindtijd een verdeeld volk zijn zonder zuivere identiteit. Hun oorsprong ligt inderdaad in de verschillende Arabische landen. Zoals God in het verleden Zijn oordeel over de Filistijnen heeft laten gaan, zo zullen de Filistijnen van de eindtijd opnieuw in het oordeel van God terechtkomen. Terwijl de wereld aan de kant van deze Filistijnen staat, staat God lijnrecht tegenover hen. In Obadja staat in vers 19, dat het huis van Jakob ( Israël) in de eindtijd o.a. de laagte, het land der Filistijnen in bezit zullen nemen. De profeet Zefanja is er heel duidelijk over hoe het met de Filistijnen aflopen zal.


Zefanja 2:5: ‘Het woord des Heren is tegen u, Kanaän, land der Filistijnen, en Ik zal u te gronde richten, zodat er geen inwoner meer zal zijn’.


God heeft er geen enkele twijfel over laten bestaan van wie het land Kanaän zou zijn. Vandaar dat de Heilige Israëls tegen Kanaän zegt: ‘land der Filistijnen’. De kust zal ten deel vallen aan het overblijfsel van het huis van Juda. De hele geschiedenis door blijkt er niets veranderd in de aard en in de identiteit van Israëls vijanden en daarom zullen ook in de eindtijd de volken die in opstand komen tegen Israël geoordeeld worden.

Ezechiël 25:15-16: ‘Zo zegt de Here Here: Omdat de Filistijnen wraakzuchtig gehandeld hebben door met bitter leedvermaak wraak te nemen en in eeuwigdurende vijandschap te verdelgen, daarom, zo zegt de Here Here: zie, Ik strek mijn hand uit tegen de Filistijnen, Ik zal die Kretenzen uitroeien en zelfs het overblijfsel aan het strand der zee te gronde richten; Ik zal geduchte wraak aan hen oefenen met grimmige straffen. En zij zullen weten, dat Ik de Here ben, wanneer Ik mijn wraak over hen breng.’ (Franklin ter Horst op het internet).


Merk het volgende op in de godsdienst van de ‘eindtijdchristenen’:


Ik zou met Feuerbach mijn medemensen dit willen zeggen: ‘Mijn enige wens is vrienden van God te veranderen in vrienden van mensen, gelovigen te veranderen in denkers, opzeggers van gebeden te veranderen in mensen die daadwerkelijk iets doen, kandidaten voor de hemel in werkers voor de wereld te veranderen. Christenen, die zichzelf zien als ‘half dier, half engel’ te veranderen in menselijke personen, mensen die heel zijn’ (lectures on the essence of religion). Wij moeten menselijk worden in de hoogste betekenis van het woord: afstand doen van alle barbaarsheid in ons denken. Maar ik begrijp uit eigen ervaring ook dat dit voor eindtijdchristenen schier onmogelijk is. Het gedachtenpatroon, de hoeveelheid boeken die ze erover hebben gelezen, de stellige uiteenzettingen van vrome uitleggers en het benauwende van de moderne wereldpolitiek dat er zo mooi op aansluit, doet mensen in een spinnenweb leven waaruit men zich met geen mogelijkheid meer vrij kan maken. Ik heb al jaren het gevoel dat het geen zin heeft al de eindtijdtheoriën te bestrijden. De mensen die erin zijn verstrikt leven in een gedachtensysteem dat te vergelijken is met mensen die in sektes zoals Jehova’s Getuigen leven. Ze zijn volledig ingekapseld in een waterdicht systeem. Hun bijbel lezen ze alsof het een spoorboekje is. Ze lezen teksten die over haat, grimmigheid, wraak en uitroeiing spreken alsof het over een schaakwedstrijd gaat. [4] Ze zijn als generaals die hun linies op de landkaarten verschuiven. Ze hebben geen idee van oorlog, geen ogenblik aandacht voor het lijden van de mens. Ze zijn als computers die niet anders kunnen dan uitkomen op waarvoor ze voorgeprogrammeerd zijn. Ze zullen je zelfs vertellen dat hun eindtijdgeloof een troost in dit leven is! In de godsdienst wordt de betekenis van bijkans ieder begrip omgedraaid tot het tegenovergestelde.









De onzin van profetieën en de bevrijding ervan

Iets waar ik uit eigen ervaring over kan meespreken is dit: de fixatie van gelovigen op eindtijddenken is het gevolg van het instorten van de religieuze maatschappij (het instorten van de christelijke greep op de maatschappij) en de daaruitvolgende onzekerheid wat betreft de geldigheid van dit geloof. Gelovigen hebben voortdurend een houvast nodig waaraan ze zich kunnen vastklampen om toch maar christen te blijven in een wereld die onophoudelijk een informatielawine van bijbelkritiek en kritiek op talloze absurde geloofsstellingen en denkpatronen aanlevert. Het eindtijddenken komt hier te hulp, het dient als middel om geloofszekerheid te verkrijgen in een klimaat waar het traditionele geloof bezig is af te sterven. Christenen wijzen daarom graag op allerlei profetieën die zogenaamd uitkomen om er voor zichzelf mee te bewijzen dat ze gelijk hebben. Men kan dan steeds zeggen: "zie je wel, het staat allemaal voorspeld, de bijbel heeft toch gelijk! Mijn geloof is juist." DIT is waar het hun om te doen is. Het is de gelovigen nooit te doen om de waarheid van WAT ze zeggen. Het schijnt hun totaal geen zorg te zijn dat hun God er een is die vernietigt, verdelgt, veroordeelt, uitroeit, straft, zich wreekt, geen medelijden heeft, hoewel God letterlijk met deze woorden wordt beschreven in de bijbel.
Vanzelfsprekend zit er achter deze fascinatie met de eindtijd als ander onderdeel (net als achter het denkbeeld van de hel) ook een verborgen zoete-wraak-op-de-goddeloze-wereld gevoel (wat Nietzsche noemde ‘ressentiment’) en een hunkering naar macht over anderen, maar dit is iets wat -al even vanzelfsprekend- geen christen zal erkennen. Maar lees de teksten die ze schrijven, het volgende citaat is een typisch christelijk evangelisatiepraatje en laat weinig aan onduidelijkheid over:


"Veel ongelovigen vragen of God wil ingrijpen in de ellende. Ik kan u echter mededelen dat God dat ook gaat doen. Weet dan wel dat als God ingrijpt, hij dat ook rigoureus zal doen. Ieder spikkeltje kwaad zal dan ijverig worden vernietigd. Zou u dat nu aankunnen? Zou dat nu niet afschuwelijk veel pijn doen en zou u dan niet wellicht verloren gaan in dat geweld? Daarom wacht God nog, omdat Hij niet wil dat er mensen onnodig verloren gaan. God wil graag van al die ellende af en zal binnenkort ook flink huishouden hier. Maar bent u dan bereidt om toe te geven dat u niet perfect bent en bent u dan bereid zich bij Hem aan te sluiten? Want als u niets met Hem te maken wilt hebben, waarom zou Hij u dan toelaten in zijn ideale wereld straks?" (christen op een internet forum)


Eindtijddenken is een waandenken over een uiteindelijke gelukzalige toestand op aarde die nooit aanbreekt, eenvoudig omdat de logica van het menselijk bestaan voorschrijft dat zo'n toestand nooit kan bestaan, aangevuld met wraakgedachten, die dienst doen om het lijden wat mensen doen die onder deze groteske waandenkbeelden gebukt gaan, en daarom al 2000 jaar met spot en tegenstand te maken hebben, te vergoeden met een beloning, een uiteindelijk genot het toch bij het juiste eind te hebben gehad. Let op het genieten van 'rigoureus ingrijpen', 'geen spikkeltje kwaad toelaten', 'flink huishouden', let op het machtsvertoon: 'Ik kan u echter mededelen', 'Weet dan wel...' enz. Wellicht heeft de aantrekkingskracht van dit soort verkondiging ook met levensmoeheid te maken of met sensatiezucht. Tot het weinige dat wetenschappers met zekerheid over de oorsprong van het christendom durven te zeggen behoort dit, dat het waanidee van de nabij zijnde ondergang van de wereld een grote rol heeft gespeeld, die naar het schijnt de beweging grote vaart, stootkracht en doorzettingsvermogen heeft verleend. De eerste christenen wisten dat ze behoorden tot de uitverkoren groep welke aan de kant stond van de rechter en verlosser van de wereld die onder zou gaan aan een mengeling van helse duivelse en toornige hemelse krachten. Het evangelie was juist zo'n aantrekkelijke boodschap omdat het dit spoedige en sensationele wereldeinde verkondigde, precies op dezelfde manier als het in onze tijd wordt gedaan. Duizenden komen in onze moderne tijd tot geloof niet omdat ze zo nodig in "een uit de dood herrezen Heer Jezus willen geloven, die voor hun zonden is gestorven en de macht van Satan gebroken en de dood overwonnen heeft" (onmogelijk wereldbeeld tegenwoordig), maar "omdat deze wereld zo benauwend is en het vast op een einde en katastrofe afstevent". Het gehele boek Openbaring laat zien met welk een gloeiend fanatisme dit geheel door dit waanidee opgeslokte christendom in vuur en vlam stond. Lees de laatste woorden van de bijbel en je ziet wat de kern van dit geloof is:


‘Tegen een ieder die de profetische woorden van dit boek hoort, zeg ik met nadruk: wie iets aan dit boek toevoegt, hem zal God straffen met de plagen die erin beschreven staan; en indien iemand afneemt van de woorden van het boek dezer profetie, God zal zijn deel afnemen van het geboomte des levens en van de heilige stad, welke in dit boek beschreven zijn. Hij die van dit alles getuigt, zegt: ‘Ja, ik kom spoedig!’ Ja, kom Heer Jezus!
De genade van Jahweh Jezus zij met u allen.’
(Openb. 22: 18-21)


Let op wat er met nadruk wordt gezegd, en let op hoe de genade als een afterthought troost komt bieden. Dit is dan ook ten voeten uit de gehele bijbelse godsdienst in een notendop. Iets wat je in meer dan duizend bladzijden meer dan 1000 keer kan lezen. Tenslotte wordt hier nog een valse belofte aan toegevoegd. Dat de gelovigen nog steeds de valsheid van deze belofte niet inzien is alweer de sterkste illustratie van de pathologische basis van hun denken en geloof. Deze belofte is nu juist net de enige die we objectief kunnen beoordelen!


De onzin van zogenaamde profetieën wordt zeer goed geïllustreerd door op te merken dat ze altijd precies zo worden geïnterpreteerd als de tijd vereist en dit zelfs volkomen tegengestelde uitleggingen kunnen zijn. Lees hoe men in de 19e eeuw sprak:


“De kerk heeft in het verleden en tot op de dag van vandaag altijd geleerd dat de jood een outcast is, dat hij iedere dag de profetieën vervult, een levende getuige is voor de waarheid van het evangelie. Jehova zal ervoor zorgen dat de joden nooit meer als een natie zullen bestaan (zo spreekt men), dat ze nergens rust zullen hebben, dat ze altoos verstrooid zullen blijven, met als doel dat de Bijbel steeds bewaarheid zal worden.” (Ingersoll beschrijft zijn tijd in een artikel ‘The Jews’)


En een eeuw later hebben alle bijbelgetrouwe christenen de zaken volledig omgekeerd! Men richt opeens stichtingen "Vrienden van Israel" op en maakt posters met de tekst "Israel is Gods wonder", en ziet opeens niet de verstrooiing, maar juist het oprichten van de staat Israel als het sterkste bewijs van de vervulling van de profetieën. Er is dan ook geen beter tegengif tegen eindtijddenken dan een boekje te lezen over eindtijdinterpretaties en -verwachtingen in het verleden (voor een internetsite: end-of-the-world prophecies ).
Overigens, "Israel als Gods tijdsklok" (populaire uitdrukking voor discussieavonden en artikelen) is een nogal vreemde uitdrukking, omdat iedereen weet dat God geen klok kan kijken. Het staat zelfs duidelijk in de bijbel uitgelegd. Voor Hem is een dag als duizend jaar en op een andere willekeurige dag is duizend jaar weer als een dag, zodat 'Zie, Ik kom spoedig' tenminste nog 100.000 jaar gepredikt kan worden voor de laatste vrome christen in zal zien dat hij het slachtoffer was van een wrange grap. Wat Gods tijdsrekening betreft moet het ons dan ook niet verbazen als het Armageddon uiteindelijk in 586 voor Christus plaats zal vinden (om me maar uit te drukken in termen van Gods tijdsklok)...


Alle eindtijdgedachten zijn uitingen van het innerlijk ziek zijn van de mens, de mens die zich laat beheersen door een mengeling van angst en spannende opwinding. Eindtijdgedachten zijn eenzelfde hysterie uiting als die de oeroude mensheid aanspoorde tot het offeren van levende wezens aan goden. Wanneer je van christelijk eindtijdwaandenken bevrijd wil worden moet je dan ook niet naar de details blijven kijken, of er toch weer wel of juist weer niet iets uitkomt van de zogenaamde bijbelse voorspellingen. Je gaat dan namelijk altijd alleen een andere richting op in hetzelfde eindeloze labyrint. Nee, je moet naar de basis van je gehele bestaan. Voor mijzelf kwam de bevrijding pas toen ik probeerde op een paar simpele vraagjes –de levensbelangrijkste vragen in ons leven- een definitief antwoord te geven: Ben je een barbaar of een liefdevol mens? Geloof je echt in een God van ‘geduchte wraak’, ‘uitroeiing’, ‘verdelging’, ‘te gronde richten’, ‘grimmige straf’, wil je echt die gruwelgod eren? Wil je je mooie ziel echt mishandelen door tot je laatste levensadem met die gedachten het leven op aarde door te brengen?

Een doodeenvoudige vraag dat een gezond antwoord eist dat voor het oprapen ligt. En dat antwoord zal genoeg zijn om de gehele bijbel voorgoed aan de kant te zetten: zelfs al zou deze bovenaardse macht bestaan, ik zou het woord God er niet meer aan vuilmaken.

Tenslotte voor mensen die beslist alleen door bijbelteksten aangesproken willen worden en nog wat eerlijkheid en objectiviteit van denken kunnen opbrengen, de volgende bijbelteksten, ook ruim voldoende om aan te tonen dat het christelijk geloof geen gezonde basis heeft en de God die het predikt niet bestaat:



"Wanneer de Mensenzoon komt, in gezelschap van zijn engelen en bekleed met de stralende luister van zijn Vader, dan zal hij iedereen naar zijn daden belonen. Ik verzeker jullie: sommigen van de hier aanwezigen zullen niet sterven voor ze de komst van de Mensenzoon en zijn koninklijke heerschappij hebben meegemaakt." (Jezus, Matth. 16: 27,28)

"Zo moeten jullie ook weten, wanneer je dit alles ziet, dat het einde nabij is. Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren." (Jezus, Matth. 24: 33,34; Marc. 13: 29,30)

"Wat hier nu gebeurt, is aangekondigd door de profeet Joël: 'Aan het einde der tijden, zegt God, zal ik over alle mensen mijn geest uitstorten." (Toespraak van Petrus op de eerste pinksterdag, 2000 jaar geleden, Hand. 2:16,17)

"Houdt moed, want de Heer zal spoedig komen." (Jakobus 5: 6)

"Nog een heel korte tijd, dan komt hij die komen zal, hij blijft niet lang meer weg." (Hebr. 10:37)

"Openbaring van Jezus Christus, die hij van God ontving om aan de dienaren van God te laten zien wat er binnenkort gebeuren moet...Want de tijd is nabij." (Openbaring van Johannes 1:1-3)

"Kinderen, het laatste uur is aangebroken...Dit wilde ik u schrijven over hen die u proberen te misleiden. (1 Johannes 2:18, 26)

"Het einde van alles is nabij. Kom daarom tot bezinning en wees helder van geest." (1 Petrus 4: 7)


Bovenstaande bijbelteksten zijn een gigantische leugen, zelfs de botten van de mensen aan wie deze dingen gezegd werden zijn al eeuwenlang verteerd tot stof en as. Kom daarom tot bezinning en wees helder van geest en bevrijd u van het juk van de bijbel:


"Misschien vraagt u zich af: Is er een manier om te bepalen of een profetie al dan niet van God komt? Die is er inderdaad: als een profeet zegt te spreken in de naam van God, maar zijn woorden komen niet uit en er gebeurt niets, dan is dat geen profetie van God geweest. Heb geen ontzag voor zo iemand die zich aanmatigt profeet te zijn." (Deut 18:22)


Het Oude Testament schrijft voor al deze valse profeten geheel volgens zijn lievelingsmotto "het kwaad in de kiem smoren" de doodstraf voor (Deut. 13:10-11). Zo primitief zullen wij moderne mensen niet meer reageren, we weten dat het toch niet helpt. We zullen deze mensen slechts beschouwen als tragische lijders aan een ernstige paranoïde storing. Maar wat doen we met zo'n valse profeet die in zijn volgende brief zijn aan de kaak gestelde waanideeën nog bonter maakt door ze hardnekkig te blijven verdedigen door een beroep te doen op het toppunt van zielig en absurd redeneren ("Één dag is voor Jahweh als duizend jaar en duizend jaar is als één dag. Jahweh is niet traag met het nakomen van zijn belofte, maar heeft alleen geduld met u.", 2 Petrus 3: 9)? Zo iemand is kwaadaardig, en verdient geen medelijden. Maar ook hem zullen we zeventig maal zeven keer vergeven.

En wat met de gelovigen die na dit alles nog steeds de misleiding van de wederkomst niet inzien, maar tot in het oneindige "Het einde is nabij" blijven prediken, er ditmaal zelfs een profetisch getuigenis van moeder-overste Basilea-Schlink bijhalen, in de grondtekst "Das Ende ist Nah" (1965) nog wel, of het boek van de geleerde heer J.A.E Vermaat "Signalen van de eindtijd - eigentijdse ontwikkelingen in het licht van de apocalyps." (allebei verkrijgbaar in antiquariaten ), of nee, nog beter, een actuele, spannende Left Behind op DVD? Er zit niets anders op dan de leer van Jezus met betrekking tot zijn eigen volgelingen maar wat bij te stellen: we hebben ze de afgelopen 2000 jaar zeventigduizend maal zevenduizend keer moeten vergeven voor de misleiding van mensen, en zullen dat de volgende 2000 jaar nog eens moeten doen. We hebben tenslotte geleerd de zaken duizend maal te vermenigvuldigen (en de pientere bijbelvorsers onder ons vermenigvuldigen de uitkomst met nog eens 365 maal) om uit te komen op wat God eigenlijk bedoelde. Maar omdat eindeloos vergeven zo vermoeiend is, en de ware les van de vijgeboom er één is die we elk jaar in het voorjaar kunnen trekken, tot in het oneindige, zullen we toch ook de hulp van humor maar inschakelen om ons goede humeur te behouden:


Ode op Jan van Leiden

Waar werd oprechter zotheid
Dan 's mensen eeuwenlang wachten op zijn spoedig wederkomende godheid
Ter wereld ooit gevonden?
Een gelovige ziel en zijn ingebeeld fantoom, gloeiende aaneengesmeed,
Vast geschakeld en verbonden
Via kleine profeten en openbaringen met godsdienstwaanzin bekleed.

De band die 't harte der gelovige bindt
Aan zijn eschatologisch troetelkind,
Gebaard met fanatisme, profetisch wee en smarte,
Aan zijn borst met dagelijks daniëllezen gevoed,
Zo lang getrouw gedragen onder 't harte,
Verbindt het bloed.

Nog sterker bindt de band
Van dit vreemde paar, bijbelbladerende hand,
Verknocht, om niet te scheiden,
Nadat ze jarenlang gepaard
Een leven van wilde en beangstigende toekomstvisioenen leidden,
Geheel gelijk van aard.

Waar zo diep de redeloosheid viel,
Smolt illusie tragiek met ziel
En harte met domheid tegader.
De waan blijkt sterker dan het schaamrood.
Geen ziekte komt deze liefde voor doem en godsoordeel nader
Noch is zo groot.

Is zij tenslotte uitgewoed, dan hoort men alom:
Vaarwel, beste Jan, schaar u in de eindeloze rij,
om feestelijk ontvangen te worden in het dal van Arme-gek-en-dom.



Joost stuurt hierbij gelijk ook de groeten aan Hal Lindsey die zijn ouderdom inmiddels met het ophalen van zijn schouders doorbrengt:


"In een interview vermeld in Christianity Today van April 1977, vroeg Ward Gasque aan Lindsey: "But what if you’re wrong?" Lindsey antwoordde: "Well, there’s just a split second’s difference between a hero and a bum. I didn’t ask to be a hero, but I guess I have become one in the Christian community. So I accept it. But if I’m wrong about this, I guess I’ll become a bum."


Dezelfde benaming die Hal Lindsey voor zichzelf uitkiest zal moeten gaan naar de schrijver van deze belgische site op het internet, die óf niet schrander genoeg is om de informatie een paar jaar bij te stellen, óf tot het zo kleine groepje ware gelovigen behoort die de opname hebben meegemaakt, dat de rest van de wereld die volkomen is ontgaan:


"De Eindtijd is al begonnen in 1990. En heden bevinden wij ons al volop in het begin van de Laatste Dagen. De Wederkomst kan niet ver meer zijn volgens de hemelse boodschappen. Al mogen wij dag en uur niet kennen, de periode en het jaar kennen wij wel bij benadering. De meest recente profetieën laten verstaan, dat de Wederkomst wel eens vóór 2005 zou kunnen zijn." ("Profetische Stemmen - Een tijdschrift voor Nederlands sprekenden, dat in de ware katholieke profetische traditie staat." Voor de zekerheid staan de teksten er ook nog in het frans en engels.)


Bovenstaande tekst kon men nog lezen in 2005. Het is inmiddels 2006 en ik ben weer eens gaan kijken op bovenstaande site. De schrijver ervan heeft zijn tekst eindelijk aangepast. Er staat nu: "Al mogen wij dag en uur niet kennen, de periode en het jaar kennen wij wel bij benadering. De meest recente profetieën laten verstaan, dat de Wederkomst wel eens tegen 2007 of 2012 zou kunnen zijn." Hoewel het voor onfeilbare bijbelschrijvers moeilijk is, zal Petrus toch moeten toegeven dat de ongelovige spotters in de laatste dagen niet helemaal ten onrechte gebruik van humor maakten en de grootste spotters onder de christenen zelf te vinden zijn.








            

















[1]Lees ook de volgende teksten:
‘Daarom, zo zegt Jahweh: Zie Ik breng hen een rampspoed/kwaad, waaraan zij niet zullen ontkomen; als zij dan tot Mij schreeuwen, zal Ik naar hen niet luisteren.’ (Jer. 11:11) ‘Zo zegt Jahweh, de God van Israël: Zie, Ik breng rampspoed/kwaad over deze plaats, waardoor ieder die ervan hoort, de oren tuiten zullen’ (Jer. 19:3) ‘Ik zal kwaad over hen brengen in het jaar van hun bestraffing, zegt Jahweh.’ (Jer. 23:12), ‘Zo zegt Jahweh: Zie, wat Ik gebouwd heb, breek Ik zelf af en wat Ik geplant heb, ruk Ik zelf uit, en zoudt gij voor u grote dingen zoeken? Zoek ze niet! Want zie, Ik breng rampspoed over al wat leeft’ (Jer. 45: 4,5). ‘Zo zegt Jahweh: Zie Ik ga tegen dit geslacht een kwaad bedenken, waaruit gij uw halzen niet zult trekken en waarbij gij niet rechtop zult lopen, want het zal een boze tijd zijn.’ (Micha 2:3) Het moge duidelijk zijn dat het in al deze teksten niet gaat om ‘toestaan/toelaten’ van het kwaad.



[2]Bijv. de joodse geschriften 1 en 2 Henoch, 2 en 3 Baruch, 4 Ezra, de Apocalyps van Abraham , het Testament van Abraham en dat van Levi 2-5 en vroegchristelijke geschriften: boeken met visioenen , bijv. de Apocalyps van Petrus, die van Paulus en de Hemelvaart van Jesaja.



[3]En sensatiezucht en aaneenschakeling van absurditeiten en doemdenken. Ik kreeg onlangs, 30 jaar na het eerste verschijnen ervan, tot mijn spijt weer een herdruk van David Wilkersons ‘Het Visioen’ (1972) onder mijn ogen, ditmaal in het Fins. “Nog steeds actueel!” staat er op de achterflap, en dan kun je als ‘bijbelgetrouw’ christen (hoe bestaat het? zou je zeggen; juist veel bijbelgetrouwe christenen geloven in visioenen, dus extrabijbels materiaal!) weer eens lekker je hart luchten en je afschuw voor de wereld op z’n amerikaans uit de doeken doen: “Aardbevingen en hongersnood nemen toe...ongebreidelde inflatie, instorten van economie....verloederende pornografie en verbreiding van drugs ...geweld, haat, angst, toenemende golf van zelfmoorden... antichrist... Het Visioen van David Wilkerson geeft ons een glimp van de toekomst.” Je komt er dit soort zinnen in tegen: “de bijbel voorspelt duidelijk dat jongens en meisjes hun ouders zullen bedriegen en hun zelfs zullen overleveren aan de dood. Ik heb dit woord nooit eerder kunnen begrijpen. In feite betekent dit dat we in onze gezinnen een oorlog te voeren krijgen die niet eens uitgeroepen is en waarin de eigen kinderen ’s mensen allerergste tegenstanders zijn.
Ik voorzie dat er een tijd van nooit eerder geziene geloofsvervolging op komst is...
In de hoogste klassen van de scholen en op universiteiten zal men instruktieve films vertonen die het sexuele voorspel en de sexuele gemeenschap laten zien. Experts zullen uitleggen hoe ze ‘met gevoel voor smaak’ gemaakt zijn. Aan de schoolkinderen zal onderwezen worden dat homosexuele en voorechtelijke sexuele liefde normaal is ‘indien beide partijen elkaar zeer respecteren’. In sommige kerken zal men naaktdansen verdedigen als een ‘kunstige vorm van godsdienst’. Mensen zullen meer het geschapene dienen dan de schepper, en God kan niets anders doen dan deze mensen maar aan hun zonden overlaten. Het gevolg zal zijn dat velen ongeneeslijk geestelijk ziek zullen blijven.”
Het allerbedroevendst komen we op het eind tegen: “Stelt u zich voor: De gaskamers van Hitler, de zuiveringen van Stalin, Biafra, Nicaragua, Pakistan, Bangladesh, Vietnam. Tel daar bij op nog andere nachtmerries. Vermenigvuldig die verschrikkingen dan met een factor van duizend en pers ze allemaal in een tijdsbestek van enige jaren. Dit geeft een beeld van wat hun te wachten staan die God niet wilden aanvaarden, maar ook dit is nog niet alles wat deze mensen te wachten staat...” Het visioen vervolgt dan met nog zwaardere goddelijke oordelen, allemaal het verdiende loon voor de goddeloze wereld natuurlijk.



[4] Ik kreeg hiervan onlangs een fraaie illustratie. Iemand copiëerde enkele teksten van mij uit Hoofdstuk 17 waarin ik wraakteksten van de bijbel aanklaag, en zette die op een discussiebord voor Jehova Getuigen. Deze persoon was zo onfatsoenlijk het onder mijn naam te plaatsen en het dus te doen laten voorkomen alsof ikzelf deze post zou hebben geplaatst om discussie uit te lokken (http://members.boardhost.com/getuigen/msg/99947.html). Zo kreeg ik onverwachts een reactie op mijn schrijven van een bijbelgelovige, die inderdaad bevestigt wat iedereen over bijbelgetrouwe gelovigen denkt te weten:

"Beste Albert, ondanks dat je zegt theoloog te zijn heb je er niet veel van begrepen. Ik zou zeggen zet eens een andere bril op en lees de bijbel nog een keer. Lees Mat: 11 vers 25 eens. Daar staat in het B gedeelte een mooi stukje over de wijzen."

We raden het meteen. De bijbeltekst zegt natuurlijk:
"In die tijd zei Jezus ook: 'Ik loof u, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat u deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt gehouden, maar ze aan eenvoudige mensen hebt onthuld. Ja, Vader, zo hebt u het gewild'."
Dit soort jammerlijke bijbelteksten, waar ook Paulus zijn steentje aan bijdroeg, en het gebruik ervan om op onweerlegbare kritiek niet in te hoeven gaan, zijn er uiteindelijk de oorzaak voor dat bijbels geloof voor velen een lachwekkende zaak is geworden. Jammergenoeg wordt dit lachwekkende verre overtroffen door het tragische, want de zaken die ik in hoofdstuk 17 aankaart betreffen de basis van ons denken en bestaan. Hier niet grondig en onbevooroordeeld mee bezig te willen zijn om ons te bezinnen, maar ons in plaats daarvan altijd meteen te richten op het gelijk van onze heilige teksten, is de 'gesel waaronder de wereld gebukt gaat', waar hoofdstuk 17 mee besloten wordt.