4. De onredelijkheid van religieus geloof

In dit volgende hoofdstuk wil Ouweneel nog wat nakaarten over de vorige twee hoofdstukken met christelijke getuigenissen. Hij wil de ongelovige lezer onder de neus drukken dat men niet zomaar met het ophalen van de schouders aan die verhalen voorbij kan gaan, maar men zijn eerlijke conclusies eruit moet trekken. Hoe vreemd mensen 'eerlijke conclusies' kunnen trekken wordt meteen duidelijk uit het kopje dat boven dit hoofdstuk staat, een uitspraak van Blaise Pascal:


De laatste stap van het verstandelijk denken is de erkenning dat er oneindig veel dingen zijn die het te boven gaan. Als het aan dat inzicht niet toekomt, is het zwak. En als de natuurlijke dingen het al te boven gaan, wat moeten we dan niet zeggen van de bovennatuurlijke?


Dat Pascal zoiets uitsprak kan ik hem gemakkelijk vergeven, hij leefde omstreeks 1650. Maar voor een mens van de 21ste eeuw is deze uitspraak zonder meer ongerijmd. Een modern mens zit al op z'n 13e jaar in de schoolbanken met het gevoel dat er 'oneindig veel dingen zijn die zijn/haar verstand te boven gaan'. Het is om zo te zeggen het eerste wat ons in ons leven al wel duidelijk wordt. De eerste zinnen zijn daarom volstrekt overbodig op te merken. En de laatste zin van Pascal is eenvoudig niet aan de orde. Zij moet in onze tijd luiden: "En indien de natuurlijke dingen ons verstand al veelal te boven gaan, hoe zouden wij het in ons hoofd halen daarboven nog een 'bovennatuurlijk' te verzinnen? Laat ons mensen eerst eens die natuurlijke zaken doorgronden voordat we het gaan hebben over het bovennatuurlijke! Hoe is het mogelijk dat ik nog steeds van geen enkele uitspraak die Ouweneel heeft gevonden om zijn hoofdstuk van een kernwaarheid te voorzien onder de indruk ben? Hoe is het mogelijk dat iemand deze uitspraak boven een hoofdstuk zet waarin hij een lezing gaat geven over logica en erop wijst dat premissen moeten kloppen? Het is echt niet mijn oogmerk om alles wat Ouweneel schrijft neer te schieten. Integendeel, ik zou wat willen leren, ik zou zo graag iets willen lezen in zijn boek waardoor ik begrip voor het fundamentalistische christendom krijg. Ik zou zo graag iets moois en sterks willen tegenkomen, waardoor ik het mezelf kan vergeven tientallen jaren een vroom christen geweest te zijn. Maar tot nu toe ben ik het niet tegengekomen. Ik krijg steeds meer het gevoel dat ik met iemand aan de praat ben die van kinds af aan enkel en alleen in een christelijke denkwereld heeft rondgezwommen en eenvoudig geen idee heeft van de wijde denkwereld erbuiten. Ieder jaar dat ik verder leef en op de christelijke zienswijzen terugkijk en met christenen in gesprek ben schaam ik me meer voor het christelijk geloof.


Ouweneel beweert:


Als ervaringen maar ingrijpend genoeg zijn, beginnen ze vanzelf de belangstelling van andere mensen gaande te maken. Laat me een stompzinnig voorbeeld geven om het principe duidelijk te maken. Als iemand zegt: 'Ik heb een pil ontdekt die, als ik die slik, ervoor zorgt dat ik ineens de etudes van Chopin kan spelen, terwijl ik zonder die pil niet eens 'Boer d'r ligt een kip in't water' kan spelen - dan is onze eerste neiging om hem voor gek te verklaren. Maar als we hem de kans geven te laten horen hoe hij mÚt pil speelt, raken we ge´nteresseerd. We onderzoeken de zaak grondig - we willen er bijvoorbeeld zeker van zijn dat hij zˇnder pil echt niet kan spelen - en kunnen ten slotte niet anders dan hem gelijk geven. we snappen er niets van, we kunnen ons zelfs niet voorstellen dat het aan de pil ligt, zozeer is dat in strijd met wat wij omtrent de werkelijkheid menen te weten. Maar na onderzoek kunnen we het feit als zodanig niet meer loochenen.


Nu vraag ik Ouweneel welk feit hij heeft aangetoond in zijn verhalen. Hij geeft antwoord:


Het is onloochenbaar dat er in de levens van die mensen veel dingen radicaal zijn veranderd. Ik heb natuurlijk expres zulke casussen uitgekozen waarbij de veranderingen nogal ingrijpend zijn, om degenen die voor dit soort veranderingen natuurlijke verklaringen willen bedenken, zo lastig mogelijk te maken.


Dat wat Ouweneel onloochenbaar noemt geef ik en ieder ander hem grif cadeau, maar we zijn in al die casussen volstrekt niets tegengekomen wat niet de gewoonste zaak van de wereld was. Mensen zijn depressief, krachteloos, negatief, worstelen met leegte en zinloosheid en hun eigen primitief gedrag. Men kan hier op duizend-en-een manieren oplossingen voor zoeken, en ÚÚn van de populairste ervan is je volledig in een ideologie te storten. Het genezingsverhaal in de appendix is uiteraard een geval apart: dat ziet er op het eerste gezicht niet 'natuurlijk' uit. Maar genezingen zijn uiteraard vaak een moeilijk controleerbare zaak. De scepticus zegt daarom: geef mij een genezingsvoorbeeld van iets onloochenbaars, geef mij voorbeelden dat in Jezus' naam geamputeerde benen of armen aangroeien. Maar zoiets heeft Jezus nog nooit voorelkaar gekregen. Waarom niet? Omdat het controleerbaar is.


Het 'stompzinnige' voorbeeld van Ouweneel is dan ook juist de allerzinnigste. Indien ik dßßr mee geconfronteerd zou worden zou ik ervan onder de indruk zijn. Zijn analyse klopt trouwens niet wanneer hij zegt dat in eerste instantie wij zo iemand voor gek zouden verklaren. Omdat het om een pil gaat zouden we de persoon beslist niet voor gek verklaren. Onze onmiddellijke reaktie zou zijn: "Slik die pil maar eens", en daarna: "Geef mij er ook zo ÚÚn". Zˇ eenvoudig gaat het wanneer je met echt bewijsmateriaal geconfronteerd wordt.


Ouweneel stelt vervolgens dat men op wonderen op drie manieren kan reageren: men kan de verhalen negeren. Hij schrijft er dit over:


Je kunt weliswaar niet om de feiten heen, maar je doet het gewoon toch. Je gooit ze achteloos of verachtelijk terzijde. Dat is de meest voor de hand liggende reactie als bepaalde verhalen totaal niet in je kraam te pas komen. Zoiets schijnt vaak te gebeuren, want ik kan me geen publicatie van athe´sten herinneren waarin zulke verhalen grondig worden besproken. Het is natuurlijk ook de gemakkelijkste weg. Wat niet weet wat niet deert. Als je de verhalen negeert, hoef je er ook geen verklaring voor te bedenken.


Ik geef hier deze reaktie op:
Mijn voorbeeld van de geamputeerde arm of been kreeg ik via een filmpje op YouTube, waar de christen 10 vragen gesteld worden. Op de vraag Waarom geneest God geen amputaties?, krijgt men deze overdenking: "We weten allemaal dat geamputeerde benen niet spontaan weer aangroeien als gevolg van bidden. Mensen wier armen of benen geamputeerd zijn hebben geen enkele hoop op een wonder van God. Indien je een intelligente christen bent zul je toegeven dat het een interessant probleem is. Aan de ene kant geloof je dat God gebeden beantwoordt en dat Hij wonderen kan doen. Aan de andere kant weet je dat Hij nooit gebeden van of voor geamputeerden verhoort. Hoe los je deze tegenstrijdigheid op? Je moet er ÚÚn of andere rationalisatie voor bedenken om de probleemstelling op te lossen. Je moet een voorwendsel bedenken om God te kunnen redden op dit punt. En dat is wat je dan doet: je haalt je schouders op of verzint je antwoord en legt het naast je neer omdat het je ongemakkelijk maakt."

Na deze woorden retourneer ik Ouweneel zijn eigen woorden en zet ze in een ietwat ander licht: "Een christen kan weliswaar niet om de feiten heen, maar hij doet het gewoon toch. Hij gooit feiten achteloos of verachtelijk terzijde. Dat is de meest voor de hand liggende reactie als bepaalde zaken totaal niet in je kraam te pas komen. Zoiets schijnt schering en inslag te zijn, want ik kan me geen publicatie van evangelische christenen herinneren waarin argumenten van scepticisme grondig worden besproken. Het is natuurlijk ook de gemakkelijkste weg. Wat niet weet wat niet deert. Als je de argumenten van sceptici negeert, hoef je er ook geen verklaring voor te bedenken."
Wat de 10 vragen betreft die het filmpje aan christenen voorlegt is op het Freethinkerforum een bijzonder interessante discussie geweest. Op elk van die vragen is het meest geloofwaardige antwoord dat God niet bestaat. Er is op dat forum nooit een christen op komen dagen die verder dan vraag twee is gekomen. Wat het niet-genezen van amputaties betreft komt ÚÚn christen met een prachtige rationalisatie: "Het kan te maken hebben met het bewijs dat hieruit zou voortkomen voor Zijn bestaan. God wil dat mensen geloven, als hij bewijs levert is er geen kunst meer aan." Een kostelijke vondst! Maar dit antwoord te geven is hetzelfde als toegeven dat alle andere wonderen die God zogenaamd wÚl doet geen bewijs zijn voor goddelijk optreden.


Maar ik ben nog lang niet klaar met de negeeroptie. Ik heb nog acht redenen om me zo ver mogelijk van wonderen te houden als maar kan.
Ten eerste zijn er voor iemand die verhalen hoort totaal geen feiten. Hij/zij die een verhaal hoort over een bovennatuurlijke gebeurtenis was er niet bij, heeft het niet zelf ervaren. Hoe in de vrede zou men voor welk verhaal dan ook moeten zwichten? Verhalen zijn verhalen. Wat moet ik met Ali Baba en zijn toverspreuk? Wat moet ik met een Jezus die op water loopt? Wat moet ik met de verschrikkelijke sneeuwman? Wat moet ik met Wodan in z'n slee met hamer? Wat moet ik met het monster van Loch Ness? Wat moet ik met de rattenvanger van Hamelen, de pijlen van Cupido, de Sampo uit de Kalevala? Als ik alle verhalen van de wereld serieus zou moeten nemen zou ik geen tijd meer hebben om me met iets anders bezig te houden, en op m'n sterfdag zou ik de helft nog niet doorgeworsteld zijn. Negeren van al het uiterst buitensporige is dus een verstandiger houding dan erdoor verontrust te worden en je erdoor laten opwinden en er een religieus geloof op te bouwen.

Ten tweede: een wonder is per definitie iets wat in een heel zeldzaam geval gebeurt, en is dus niet relevant voor mijn leven. Stel dat de sensatieverhalen van een dodenopwekking waar zouden zijn, wat zou ik ermee opschieten? Een Nederlander kan uitrekenen wat de kans is dat zijn/haar geliefde opgewekt zou kunnen worden: er is voor zover ik weet nog nooit een Nederlander in de gehele opgetekende geschiedenis van Nederland uit de doden opgewekt. De kans dat wij ons mogen verheugen op zo'n wonder is for all practical purposes nul komma nul. Het is bovendien eerder een straf dan een zegening omdat alle opgestanen uit de dood vervolgens nˇg een keer dood moeten...

Ten derde: Nog sterker: indien ik als christen ziek zou zijn zou ik uiteraard niet bij God gaan klagen, omdat Hij het uiteraard wel weet dat ik ziek ben, en ik uiteraard geloof dat Hij het beste met me voorheeft. Ik zou dus allerminst behoefte hebben aan een wonder. Ook indien mijn geliefde 'in de Heer' zou overlijden zou ik volstrekt geen behoefte hebben aan haar opwekking, omdat ik uiteraard zou weten dat zij het nu veel beter heeft en bij God is. Wat ik dus bij christenen die met wonderen spelen en erom bidden steeds weer opmerk is dat ze het tegendeel van geloof in God hebben, met het tegendeel bezig zijn van waar ze in zeggen te geloven. Een christen kan natuurlijk antwoorden dat zijn idool Jezus heeft gezegd dat je de Vader om wat dan ook mag bidden. Ik antwoord daar op dat een ontwikkeld religieus mens anno de 21ste eeuw niet meer zo kinderachtig over God en geloof kan denken als Jezus.

Ten vierde: Zolang men in Europa in wonderen geloofde, was de wereld vol met wonderen, ze gebeurden dagelijks of maandelijks. Waarom nu niet meer? Precies, omdat mensen geleerd hebben dat er geen wonderen bestaan. Waarom zijn er dan wel wonderen in Afrika, en volstrekt geen ÚÚn in Finland en Zweden? Omdat veel mensen in Afrika maar bar weinig naar school zijn gegaan, maar wel veel in de kerk zitten en verhalen aanhoren. En men in Finland in Zweden heel lang naar school gaat en nooit naar de kerk gaat. Dit laat goed zien hoe een wonder aan inflatie onderhevig is en door het brein van de mens zelf geproduceerd wordt. Hoe meer onwetendheid en bijgeloof in omloop, des te meer wonderen. Ga naar school en word kritisch, en je zal nooit ook maar ÚÚn wonder zien.

Ten vijfde: dat er geen wonderen bestaan maak ik op uit wat de wetenschap gedurende de laatste 400 jaar heeft opgeleverd. Het is dus niet slechts de ervaring van mijn persoonlijke leven, maar ook van de grootste denkers die onze cultuur in de afgelopen eeuwen heeft opgeleverd. Uiteraard kan men aan deze uitspraak van niet-bestaan geen 100% zekerheid geven, want dat iets niet bestaat is onmogelijk met 100% zekerheid aan te tonen. Dat wonderen dus niet bestaan spreek ik met dezelfde zekerheid uit als dat ik uitspreek dat feeŰn en kabouters en sprekende ezels niet bestaan.

Ten zesde: als er in de bijbel staat dat een ezel een behoorlijk filosofisch gesprek heeft met een mens, dan kan ik uit het feit dat miljoenen christenen dit serieus nemen niet anders concluderen dan dat ik met nogal dwaze mensen te maken heb. Indien diezelfde mensen dus even later met een verhaal van een dodenopwekking aankomen krijg ik dus enkel de bevestiging van mijn eerdere conclusie: iemand die in een verhaal van een sprekende ezel gelooft, of in een bijbelverhaal van drie mannen die een praatje maken met een engel in een 'zeven maal hoger opgestookte' vuuroven, en er ongedeerd weer uit stappen, is in staat tot het geloven van welke absurditeit dan ook.

Ten zevende: -en nu kom ik op wat voor mij doorslaggevend is: zelfs al zou ik getuige zijn van een wonder en zelfs overtuigd worden dat het absoluut door een God zou zijn uitgevoerd, nee nog sterker, op de christelijke God moet teruggevoerd worden, wat zou het veranderen aan mijn kijk op de christelijke religie? Ik voor mij heb in dat geval enkel een reden temeer om een Antichrist te zijn: ik heb enkel grote minachting voor een God die zˇ werkt in de wereld. Wonderen zijn verachtelijk. Een Godswonder voor de mens staat gelijk aan wanneer oom Dagobert aan Donald Duck een stuiver geeft. En vertrouwen op een aalmoes van oom Dagobert is iets waarvoor Donald Duck zich zou moeten schamen (en inderdaad verlaagt hij zich nooit daartoe!). De mensheid heeft geen aalmoezen nodig, maar moet zichzelf structureel verbeteren. En dat is precies waar de verstandige mens mee bezig is. De mensheid heeft zichzelf met wetenschap, techniek, en mondigheid veel en veel beter kunnen helpen dan met het vertrouwen op God, en nu we in de 21ste eeuw leven is het allang duidelijk dat jezelf voor de verdere ontwikkeling ervan inspannen miljoen maal verstandiger is dan op de aalmoezen van een God te vertrouwen. NB Indien een christen dit leest laat de gelovige er goed van bewust zijn in wat voor wereld de Bijbel ons wil laten leven: ĹZelfs in zijn ziekte zocht Asa geen hulp bij de Here, maar bij doktersĺ (2 Kron. 16). Letwel, het ging hier om een godvruchtige koning die nota bene in zijn leven een eed had afgelegd Jahweh in geheel zijn leven te dienen en te eren! Hij had dus helemaal niets tegen God, maar deed eenvoudig wat wij elke dag doen: je gezond verstand gebruiken! Dit is dus juist datgene waar de vrome godsdienst altijd tegenin gaat. Dßßrom is je leven aan bijbels geloof te geven een schande: het is de minachting van geloof in de mens.

Ten achtste: "Het volksgeloof is de gehele geschiedenis door een verhaal geweest van partijtwist, burgeroorlog, vervolging, ondermijning van het staatsbestuur, verdrukking, slavernij. Dit zijn allemaal gevolgen van de heerschappij van bijgeloof over de menselijke geest. Indien men met een historisch relaas aankomt over religieuze bezieling, dan mogen we er zeker van zijn dat we in het volgende hoofdstuk een verslag krijgen van de ellende die ermee gepaard ging. Geen enkele periode kan gelukkiger of welvarender zijn dan die waarin bijgeloof niet serieus genomen wordt of gewoon niet voorkomt." Dit zijn de gouden woorden van David Hume, en deze waarheid werd al 250 jaar geleden uitgesproken, en hij heeft nog steeds gelijk. Geloof in wonderen of welk religieus bijgeloof dan ook is op de keper beschouwd schadelijk voor de mensheid. Voor mij is dit de meest zwaarwegende gedachte.


Ouweneel geeft als tweede optie wonderen weg te verklaren. Ook dit is een geweldig gezonde reactie! Iedereen weet dat een mens op duizend en ÚÚn manieren bedrogen kan worden. Overal en in alle tijden zijn wij omringd geweest door de kwakzalvers, de valse profeten, de ophitsers, de bedriegers, de geesteszieken, de goochelaars. Men weet dat er gezichtsbedrog bestaat, handige trucs zijn, oplichters, hallicinaties, psychoses, psychosomatische symptomen, je beter voelen via een placebo enz. enz. Een hele boekenkast kun je vullen met boeken over dit onderwerp. Ouweneel beweert dat je een dodenopwekking niet zo kan uitleggen. Ik vraag hem wederom om met het wonder van een amputatie die ongedaan wordt door God aan te komen. Een echte amputatie is controleerbaar, een echte dood of een echte ongeneeslijke ziekte veel moeilijker. Een verstandig mens is zo sceptisch mogelijk om niet beduveld te worden, en met het gebruik van de rede kan men het merendeel van alle bedrog ofwel aantonen ofwel van kritische kanttekeningen voorzien die ons ervoor beschermen er teveel geloof aan te hechten.


Als derde optie geeft Ouweneel geloven.


Dan mag je best kritiek hebben op, of vragen hebben bij allerlei details in het verhaal, terwijl je toch gelooft dat er inderdaad een dodenopwekking of een genezing van een ongeneeslijke ziekte heeft plaatsgevonden.


Deze redenering begrijp ik volstrekt niet. Zoals David Hume ooit al eens uitsprak is er voor een buitengewone gebeurtenis als een wonder ook een veel sterker bewijs nodig dan voor een doodgewone gebeurtenis om het te kunnen geloven. Dit houdt beslist in dat om een wonder te kunnen geloven er geen enkel detail in het verhaal mag voorkomen dat niet klopt of onze achterdocht opwekt. Of probeert Ouweneel met deze vreemde opmerking de weg vrij te maken voor de argumentering die we vast later zullen tegenkomen, dat het redelijk is om het bijbelse opstandingverhaal over Jezus te gaan geloven? Alle verslagen ervan zijn pas 40 jaar of langer na de beschreven gebeurtenis opgetekend, en met elkaar in strijd wat betreft talloze details.


Het is mij nu inmiddels duidelijk dat Ouweneel gelooft in dodenopwekkingen, die blijkbaar 'in Jezus' naam' gebeurd zijn. Wie, wat of waar ben ik niet achtergekomen, en schrijft hij niet. Ik vraag me dus af op basis waarvan hij in die sterke verhalen gelooft. Ik heb me laten vertellen dat Ouweneel ooit eens naar Afrika geweest is. Hij heeft die dodenopwekkingen blijkbaar niet zelf geconstateerd, maar kent er verhalen over, en heeft die misschien gechecked. Misschien heeft hij mensen gesproken die beweren dat het onder hun ogen gebeurde, misschien is ÚÚn van die getuigen zelfs een Afrikaanse arts die iemand voor dood had verklaard. De doorgewinterde athe´st zou er nog aan toe kunnen voegen: Misschien ook heeft hij een zonnesteek opgelopen... Ik zou me nog kunnen voorstellen dat iemand in dodenopwekkingen gaat geloven wanneer het onder zijn eigen ogen gebeurt en men heel zeker was dat de dode al gedurende een langere tijd dood was, bijvoorbeeld al verstijfd was. Maar kan men zich echt serieus wetenschapper noemen indien men op basis van een paar sensatieverhalen uit Afrika in zoiets gaat geloven? Ik ben maar gaan kijken op het internet wat ik over 'dodenopwekking' kan vinden. In het nederlands een schamele 100 sites, bijna allemaal betrekking hebbend op bijbelverhalen. Ik vind zowaar een artikel van Ouweneel zelf waarin hij verhaalt over de christen Macarius die omstreeks het jaar 400 in Egypte een mummie opwekte uit de dood. Interessant waar christenen al niet toe in staat zijn. Bent u zelfs in staat dit te geloven? Of zwijgt u daar wijselijk maar over in dat artikel en doet u ook graag op uw tijd mee aan het wegredeneren als het niet in uw kraam te pas komt. Vooral voor het in de doofpot stoppen van de lange christelijke geschiedenis stampvol met absurde wonderverhalen zijn de christenen uitstekend goed opgeleid. De christelijke heiligen van alle eeuwen genazen de zieken en dreven demonen uit bij bijkans iedere gelegenheid. Zelfs hun laatste restanten werden door God veelal met genezingskracht begiftigd. Laat ik eens een paar mooie christelijke verhalen uit de vergetelheid opvissen, ze zijn te lezen in het Testament van Meslier dat hij na zijn dood (1729) achterliet. Er wordt ons daar verteld dat christenen beweren dat een kous van de heilige HonorÚ een dode deed herrijzen. De gordel van de heilige Franciscus zou heel wat zieken hebben genezen... De heilige Gracilien zou erin geslaagd zijn een berg te verzetten die tot dan toe de bouw van een kerk had belet! Uit het lichaam van de heilige AndrÚ zou lange tijd een vloeistof gevloed hebben die genezingskracht had. De ziel van de heilige Benedictus zag men ten hemel rijzen, getooid in een prachtige mantel en door vurige lichten omgeven. De heilige Peter van Luxemburg (gest. 1389) zou tijdens zijn leven 3000 wonderen hebben verricht, en na zijn dood in twee jaar tijd nog eens 2400, waaronder 42 herrijzenissen uit de dood. De heilige Catharina bekeerde 50 filosofen, die daarna in het vuur zouden zijn geworpen, maar ongedeerd gebleven zijn. Op de dag dat Antonius van Padua tot heilige werd verklaard gingen plotseling alle klokken van Lissabon uit zichzelf te luiden... De eerste protestanten van vijfhonderd jaar geleden hadden tenminste nog gezond verstand de wonderen allemaal naar de vergaarbak van leugens en fabels en domheid over te hevelen. Is Ouweneel, de wetenschapper, nu teruggegaan naar het niveau van dit dwaze christelijke verleden?


Ik zoek verder op het internet, en ja hoor ik vind eindelijk een echt verhaal over een dodenopwekking in onze tijd. Een verhaal van horen zeggen van horen zeggen:


Er wordt bericht, dat tijdens de grote opwekking in Timor, rond 1970, acht doden zijn opgewekt. Ds. Ralph Wilkerson uit Anaheim sprak met vier van hen. Mel Tari was bij een dodenopwekking aanwezig. In het dorp Amfvang was een man al twee dagen dood. Het lijk stonk. Voor de begrafenis waren duizend gasten gearriveerd. Een team van Christenen betrad op dat moment het dorp. Ze waren overtuigd, dat Christus in hun hart het bevel gaf: `Ga eromheen staan en zing liederen. Ik zal hem opwekken.' Bij het zesde lied begonnen de tenen van de man te bewegen. Tijdens het zevende en achtste lied kwam hij bij vol bewustzijn en keek hij glimlachend rond.


Het lijk stonk? Een team van christenen en allemaal opeens overtuigd van een bevel dat God geeft? Een zo duidelijk bevel dat ze allemaal in details -let op: in hun hart- horen dat ze eromheen moeten staan en gaan zingen? Voor mij is dat op z'n minst een even groot wonder als dat de dode levend wordt...Bij het zesde couplet komen de tenen in beweging? En die christenen maar rustig doorzingen? Haha! Stoere binken! En ja hoor, bij het zevende komt hij tot het volle bewustzijn, en bij het achtste couplet (men zingt ongestoord tot het eind!!) glimlacht hij. God had net als deze opgewekte dode en de schrijver van dit verhaal een groot gevoel voor humor.
Ik heb trouwens zelf in Finland de preek (via een documentaire) aangehoord van Ekechuwu, een Afrikaan die volgens zijn verhaal lange tijd dood was en weer opgewekt werd. Het was een documentaire over een geruchtmakende opwekkingsbeweging in Nokia (nabij Tampere). Deze kwam oa negatief in het nieuws omdat men enige tijd na het bezoek van deze wonderafrikaan rondom het doodskistje van een vijfjarig meisje was gaan staan en God had gesmeekt om opwekking van het kind. God had er deze keer geen zin in. In de documentaire preekte deze Ekechuwu een bloedstollende preek over zijn wederwaardigheden toen hij dood was. Hij was -net als Petrus in zijn onsmakelijke apocalyps- naar de poorten van de hel getransporteerd om het allemaal aan te zien. In geuren en kleuren vertelde hij zijn Finse publiek wat er allemaal brandde en kookte daar. Finnen zijn heel wat hitte in de sauna gewend, maar nu schrokken ze zich letterlijk het Lazarus. Er zaten ook kinderen in het publiek, want niemand was voorbereid op zo'n schokkend verhaal. De afrikaan sprak er echter over alsof het om een beschrijving van zijn afrikaanse bloementuin ging. Hem was, zo zei hij, de taak gegeven om de mensen die de boodschap smalend weggooien, ervoor te waarschuwen dat het God menens is! Ik kom in verband met een discussie over Ouweneels hobby van dodenopwekking een bevestiging van mijn verhaal tegen; blijkbaar heeft de afrikaan overal dezelfde preek afgeleverd. Maar hiermee houden de verhalen over dodenopwekkingen op. Ouweneel blijkt zo ongeveer de enige hollander te zijn die in opwekkingsverhalen gelooft. Misschien moet ik eens op engelstalige sites kijken. Ik heb er eigenlijk helemaal geen zin in. Ik vind dat ik me hiermee verlaag tot een niveau van menszijn dat ik gewoon niet serieus kan nemen. Ik begrijp volledig waarom athe´sten geen boeken schrijven over die christelijke wonderbekeringen of al die wonderen. Het is een zonde tegen de goede smaak.



Logica en bewijs

Ouweneel gaat vervolgens in op de kwestie dat iets voor 100% bewijzen in strikte zin onmogelijk is. Dit zal iedereen die er over heeft nagedacht toegeven. Het gaat in de kwestie van ergens geloof aan hechten altijd om aannemelijkheid.


Maar dat blijkt niet op te schieten, want the´sten vinden hun bovennatuurlijke, en athe´sten hun natuurlijke verklaring het meest 'aannemelijk'.


Uiteraard kunnen mensen ergens aan vast blijven houden, maar of de ÚÚn of de andere positie aannemelijker is valt nog maar te bezien. Ik ben sterk van mening dat degene die een ideologie heeft altijd een bijltje heeft waarmee hij wil hakken. De scepticus is per definitie objectiever. Christelijk geloof kan men Řberhaupt op geen enkele manier en op geen enkel punt 'het meest aannemelijk' noemen, en een christen die het tegendeel beweert zal door een lawine aan argumenten bedolven worden. Zelfs Paulus gaf al toe dat het christelijk geloof voor iedereen die denkt een dwaasheid is.


De keuze tussen geloof en ongeloof is volgens Ouweneel uiteindelijk geen keuze tussen intellectuele argumenten, maar een existentiŰle en emotionele keuze. Ik ben het daarmee eens, maar beweer dat de keuze voor de christen in veel hogere mate door emotionele behoefte en de existentiŰle benauwdheid wordt bepaald dan de keus van de athe´st. Een athe´st kiest niet voor athe´sme uit behoefte, net zo min als men niet kiest voor een a-kaboutersgeloof. Athe´sme heeft namelijk geen enkele inhoud, het voldoet dus niet aan een behoefte. Antithe´sme, een athe´sme dat geboren is uit de negatie van het christelijk (of moslimgeloof)- zoals bij mij het geval is - heeft duidelijk wÚl zo'n behoefte. Het zijn dus altijd de gelovigen die willen dat iets waar is. Dat Ouweneels religie terug te brengen is tot emotie en existentiŰle benauwdheid bewijst de sleutelzin in zijn boek: Kom niet aan mijn Godsgeloof!
Hoewel ik mijzelf nu opwerp als antithe´st (anders zou ik mijn website niet geschreven hebben) is mijn situatie echter geheel anders; het kent geen verbetenheid. Als ik in de natuur rondloop of me heel gelukkig voel heb ik er ook nu nog steeds geen moeite mee om me te zien als panthe´st en vriend van God - ik begrijp slechts dat een athe´st de enige is die begrijpt dat het slechts menselijke emoties zijn en menselijke arrogantie. Hij is de enige die wat van echte goddelijkheid begrijpt en juist daarom spreekt hij zich uit als athe´st! Mijn athe´sme is geboren uit een zo lang mogelijk vasthouden aan de religieuze drang, maar uiteindelijk eerlijkheid van geest meer gehoorzaam te moeten zijn dan alle andere menselijke behoeften. Ik had jarenlang zo mijn bedenkingen en kritiek op het geloof, maar zat er onwrikbaar aan vast vanwege existentiŰle en emotionele behoeften, totdat de hel op aarde op 11 september door de boekgodsdienst ontketend werd, hetgeen letterlijk de bodem onder mijn denkbeelden weghaalde. Mijn athe´sme is exact het omgekeerde van willen dat de religie fout is. Het duurde daarna nog wel vijf jaar voordat ik athe´st werd, zo sterk was het willen van een God. Tot de laatste snik wilde ik dat er iets van het mooie van religie waar was, hoewel er gedurende tientallen jaren van religieus geloof enkel een rijstebrij op mijn weg was gekomen dat vraagtekens plaatste en het omgekeerde predikte. Pas toen er een oorverdovende schok kwam die de blindste ogen en doofste oren opende viel de religie door de mand.

Ouweneel geeft het voorbeeld van Ayaan Hirsi Ali om het omgekeerde te bewijzen: als moslima wilde ze het Athe´stisch manifest van Philipse niet lezen, maar nadat 11 september 2001 haar grote twijfels begonnen op te komen, wilde ze het boekje maar al te graag lezen en wilde ze ook dat het gelijk zou hebben. Ik denk dat hij met deze analyse iets heel belangrijks vergeet in aanmerking te nemen. De juiste kenschetsing van een moslimgelovige is denk ik dat Ayaan zoiets als een Athe´stisch manifest niet durfde te lezen. En toen later de twijfels opkwamen en zij zich eruit moest bevrijden werd ze gedwongen om te willen dat het athe´sme waar was, want de islam manipuleert de gelovige nog sterker dan het huidige christendom met de dreiging van de hel. Omdat de religie deze angst van kinds af aan gecreŰerd heeft moet men een kolossaal wapen in handen krijgen om de gruwelijke dreigingen van het boekgeloof onschadelijk te maken en af te laten ketsen.

Een gelovige die athe´st wordt ervaart helemaal niets van willen. Wanneer zijn/haar ogen opengaan heeft men niets van willen meer nodig. Er is enkel verbazing dat zaken die zo overduidelijk dol en dwaas zijn een mens zo lang in de klauwen vast kan houden. De boekgodsdienst is de allergrootste manipulator van het menselijk denken die ooit uitgevonden is. Volgens Ouweneel is de kans dat iemand zoals ik tot athe´sme komt vrijwel nihil. Bijgevolg is het dan ook enkel de grote uitzondering zoals ik die de grootste antichrist wordt. Maar dit is geenszins de normale status van een athe´st. Veel mensen die van huis uit athe´st zijn kan men er echt niet van beschuldigen dat ze willen dat het athe´sme waar is en ze het met een religieuze ijver willen verbreiden. Ik hoor ze zelfs af en toe verzuchten dat ze best zouden willen ook religieus gelovig te zijn. Ze zijn soms zelfs jaloers op bepaalde zaken in het geloof. Maar ga dan eens aan de andere kant kijken. Nooit zul je een gelovige tegenkomen die jaloers is op de ongelovigen. Tenzij hij een Bonhoeffer is, en dus eigenlijk het stadium van de religie al achter de rug heeft.


Ouweneel schrijft vervolgens iets wat ik heel sterk begrijp:


De hele discussie tussen the´sten en athe´sten wordt beheerst door emotionele, om niet te zeggen existentiŰle factoren. Voor mij maakt dat de discussie trouwens ook aantrekkelijk. Ze gaat tenminste over iets dat ons allemaal heel diep in ons wezen raakt. Ik begrijp de vurigheid waarmee de athe´st zijn diepste overtuiging uitspreekt en verdedigt, want zijn vurigheid is het spiegelbeeld van de mijne.


Hoewel Ouweneels uitspraak iets heeft van een poging het rationele te willen ontvluchten -hij impliceert dat rationeel gesproken de argumenten van het christendom en van de athe´st fifty-fifty zijn, hetgeen sterk te betwijfelen valt- begrijp ik zijn uitspraak omdat ik juist zo'n athe´st ben met 'religieuze ijver'. Hij begrijpt enkel niet wat ik wÚl begrijp: mijn athe´sme is een product van het christelijk geloof, niet van het athe´sme op zich. Omdat christelijk geloof de verkrachting is van het leven en van het goddelijke, roept het uiteindelijk antithe´sme op. En de tragiek waarin de the´st en de antithe´st verwikkeld is is het omgekeerde van waar je je over zou moeten verheugen. In plaats van er blij mee te zijn ben ik eerder jaloers op die athe´sten die geen woord vuil hoeven maken aan christenen en Ouweneel: zij leven in een wereld die zo ontzaglijk veraf staat van het primitieve boekgeloof, net zo ver als christenen van het geloof in de Griekse of Germaanse goden staan: volstrekt niet de moeite waard om serieus te gaan behandelen. Dßt zou nu iets zijn waar ik me mee zou feliciteren. Zolang ik nog met christenen of moslims in gesprek ben ben ik nog steeds ge´nfekteerd door de waanzin van het openbaringsgeloof.


Maar aangezien Ouweneel de vurigste existentiŰle keuzes juist het interessantst vindt, vraag ik hem waarom hij dan niet in de eerste plaats uitgebreid met Nietzsche in gesprek is gegaan, de enige persoon die volgens Peter Kreeft een volwaardig existentieel alternatief voor het christendom heeft geschapen. Dßt zou nog eens een boek opgeleverd hebben dat de moeite waard was geweest om te lezen. In plaats daarvan krijgen we van de christen een lezing over 'bewijs' en 'logica', dit is zo ongeveer hetzelfde als een molen die helicopter probeert te zijn. Dat er strikt genomen geen bewijzen zijn voor het wel of niet bestaan van God weten we allemaal al. Een agnost of athe´st een lezing geven over wat logica is is volstrekt overbodig, het is iets waar hij in uitblinkt. Wat bewijs en logica betreft verliest een christen het altijd van de agnost, de filosofische denker. Een christen leeft enkel van propaganda. Neem Ouweneel zelf. Nota bene ÚÚn alinea voordat hij ons een lezing gaat geven over logica, en er op wijst dat in een gezonde redenering niet alleen de technische redenatie logisch moet zijn, maar ook de premissen geldig moeten zijn schrijft hij:


Het wonder is trouwens dat God in zijn genade Zich soms inderdaad aan spotters en vijanden heeft geopenbaard, zoals aan Saulus van Tarsus en C.S Lewis.


Wat een claims! Wat een premissen die zomaar uit de lucht komen vallen! Hier komt dus als een donderslag bij heldere hemel een bewering dat wat er gebeurde in het leven van Paulus of Lewis wonderen zijn, dat die zaken aan genade te danken zijn, en dat die twee spotters waren, allemaal zaken die met het grootste gemak twijfelachtig beschouwd kunnen worden. De enige garantie voor Ouweneels stelling is het woordje 'trouwens'. Dit is ten voeten uit christelijk geloof. En dit soort mensen denkt lezingen te kunnen gaan houden over logica. Ouweneel besluit zijn lezing met:


Bewijzen en geloven hangen op een gecompliceerde en onontwarbare wijze met elkaar samen - en dat is een feit dat the´sten eerder in de kaart speelt dan athe´sten. Deze stoutmoedige stelling vereist nader 'bewijs'...


Ik ben benieuwd wat er komen gaat, maar vooralsnog beschouw ik dit als een vlieger die niet op gaat. EÚn van de leukste bezigheden die ik heb is het verzamelen van uitspraken van christenen op het internet om hun geloof te verdedigen. Hier is mijn lezing over christelijke logica:


Waarom ik geen athe´st ben: (uitgedacht op het internet door ge´nspireerde nederlandse christengelovigen):

1. Het christelijk geloof is juist: de bijbel is waar, niet omdat ik het zeg maar omdat de bijbel waar is!!!
"Ik heb met verbazing deze website gelezen. Nu begrijp ik pas wat de Bijbel bedoelt, wanneer er staat dat degenen die niet in God geloven een 'bedekking' hebben en niet kunnen begrijpen hoe waar en onverbeterlijk Gods Woord is. Omdat ze de Heilige Geest niet hebben! Deze website is bedoeld om christenen te laten twijfelen aan de onfeilbaarheid van de Bijbel. Dat kan maar door ÚÚn iemand bedacht zijn: de duivel! Maar...aan iedereen die deze website leest: Gods Woord is Waarheid en is perfect, niet omdat ik het zeg, maar omdat God het zegt!!!"


2. Het christelijk geloof is juist: bijbelcriticus heeft niets van de bijbel begrepen!
"Sorry, maar je hebt van de bijbel weinig of niets begrepen."


3. Het christelijk geloof is juist, tot in eeuwigheid. Amen!, want er kunnen tegenteksten gevonden worden die precies het omgekeerde leren, dwz dat wat de gelovige wil horen!
"Laat ook eens teksten zien waar die onderwerpen WEL rechtgezet worden; zo kan de lezer zijn eigen conclusie bepalen. En dan zul je zien dat God de Waarachtige en Heerlijke is, tot in eeuwigheid. Amen!"


4. Het christelijk geloof is juist, want jij bent een snotneus en Jezus het levend geworden woord!
"Wie denkt u trouwens dat u bent om het Woord van God in twijfel te trekken alsof Jezus niet zou weten wat hij zegt, Hij IS het levend geworden woord."


5. Het christelijk geloof is juist, want ik ken Hebreeuws!
"De bijbel is vertaald uit het hebreeuws, en daardoor zijn er talloze taal- spelfouten in gekropen. Lees het origineel! Sjaloom"


6. Het christelijk geloof is juist: want er staat ook goeds in.
"Lees de bijbel, onderzoek, wederleg, MAAR BEHOUD HET GOEDE!!"


7. Het christelijk geloof is juist: want nadenken is fout!
"O Gij werker der ongerechtigheid! Gods woord is Waarheid. Dan BEHOEFT men toch ook niet meer meer zelf na te denken. Moge de Eeuwige U met maden bedekken."


8. Het christelijk geloof is juist, omdat uw gebruikte teksten niet relevant zijn!
"U gebruikt de bijbel niet alleen zeer selectief, maar bijna alle gebruikte teksten worden ook nog uit de contekst gerukt!"


9. Het christelijk geloof is juist:omdat God geen gemiddelde God is, maar juist volkomen passief!
"Deze schrijver onderschat de verantwoording die wij over onze kinderen hebben. Kijk eens in de wereld: echtscheiding, moord, misbruik enz. Dan durft deze schrijver nog te beweren dat god niet zo goed is. Je moet niet vergeten dat god twee dingen heel veel heeft: GENADE en GEDULD. Stel je voor: een gemiddelde god had allang een einde gemaakt aan deze rotzooi."


10. Het christelijk geloof heeft gelijk: want je denkt toch niet dat een mens ooit gelijk kan hebben?! "Vergeet niet dat de wereld ten onder gaat aan het IKKE."


11. Het christelijk geloof heeft gelijk: jij bent te lui geweest de zaak goed te bestuderen.
"Wat een domme gedachtengang van deze schrijver. ONDERZOEK de schriften de ganse dag opdat je weet wat de waarheid is."


12. Het christelijk geloof heeft gelijk: want u bent slecht!
"Wat jullie hier allemaal publiceren is grote zever. Jullie zijn hier valse profetieŰn aan het publiceren die de mensen die de here willen volgen van het goede pad kunnen weghalen."


13. Het christelijk geloof heeft gelijk: want het ontbreekt u aan understanding!
"Zoek eens dieper, lees de HELE bijbel. Er is maar 1 probleem, no Holy Spirit, no understanding..."


14. Het christelijk geloof heeft gelijk: want er was bloed nodig (dat is rechtvaardig)!
"Degenen die zondigen en tegen Zijn wil werken, en Jezus niet willen aannemen, worden gestraft. Er was bloed nodig. Jezus heeft nu zijn bloed gegeven (genade). Dat is rechtvaardigheid."


15. Het christelijk geloof heeft gelijk omdat ik wijsheid heb en dus gelijk heb!
"Alleen God kan ons wijsheid geven zodat we in Hem geloven en gaan inzien wat Hij in Zijn woord bedoelt. Ik zal voor jullie bidden, dat Gods Geest in jullie hart zal komen werken."


16. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat jij, ongelovige, argumenten uit de Bijbel gebruikt!
"Wat ik wel heel leuk vind is dat je zelf argumenten uit de bijbel gebruikt, dat betekent dat je erkent dat er waarheden in de bijbel staan... Super!! Gaaf!! te gek!!"


17. Het christelijk geloof heeft gelijk omdat ik een zendeling ben en sinds m'n vijfde geloof!
"Ik ben een jongen van 24 die met 5 jaar tot geloof is gekomen. Ik ben heel veel met de bijbel en God bezig geweest. Sterker nog, ik leef nu volledig afhankelijk van Hem. Ik ben een zendeling. Ik kan zeggen dat elk woord wat erin staat waarheid is."


18. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat jullie alleen maar zoeken wat fout is!

"Volgens mij hebben jullie Zijn liefde nog nooit ervaren. Jullie zijn alleen maar aan het zoeken wat fout is."


19. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat jullie kinderachtig zijn!
"Stel je eens voor dat er plotseling een einde komt aan je leven. Waar ga je dan heen? Hemel of hel. Maar weet dat voordat je ergens komt je eerst langs de troon van God zal gaan. Daar zal je geoordeeld worden door Hem. Ik hoop voor jullie dat jullie eens niet zo kinderachtig doen."


20. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat u demonen in uw leven hebt toegelaten!
"Als mensen zelf de keuze maken om tegen God in te gaan, is dat hun keuze. Daarbij laten ze demonen in zich. Deze demonen hebben een taak, de persoon waarin ze zitten te vernietigen en alles wat deze persoon heeft."


21. Het christelijk geloof heeft gelijk, want Strobel bevestigt mijn waarden! "Ten slotte kan ik je het boek 'Bewijs genoeg' van Lee Strobel van harte aanbeven. Ik hoop dat je er tijd en moeite in wilt steken op de diepere achtergrond in de Bijbel te ontdekken, want die is voor mij van grote waarde."


22. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat je het niet letterlijk moet nemen!
"Ik ben christen, maar vind het wel moeilijk de bijbel letterlijk aan te nemen (dit doe ik dus ook niet)."


23. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat jij je laat misleiden door je eigen gedachten!
"[1]Laat je een keer niet misleiden door je eigen gedachten, [2] geef de bijbel een kans! [3] Laat de bijbel tot jou spreken. En [4] spreek niet zelf aan de hand van de bijbel."


24. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat u waarschijnlijk gefrustreerd bent!
"Ik vraag me alleen af wat je beweegredenen zullen zijn deze site te maken. Frustratie?"


25. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat u heel zielig bent!
"Mag ik mij Bijbels uitdrukken en zeggen dat ik, deze onzin lezend, met ontferming over u bewogen ben?"


26. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat ik klassieke talen beheers!
"Ga de klassieke talen eens bestuderen, want ik vermoed, de holheid van uw argumenten lezend, dat u deze talen niet vaardig bent, en bestudeer vervolgens de 'kale' Bijbeltaal en begin dan opnieuw met een site die wel iets te vertellen heeft."


27. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat u handlanger van de Duivel bent!
"Als je niet Jezus Christus als Heer en Koning over jouw leven hebt aangenomen, val je onder het koninkrijk van de prins van de lucht. Ook bekend als Satan. Oftewel, je wordt geboren in het koninkrijk van de lucht, en tijdens je leven kun je kiezen om het koninkrijk der Hemelen binnen te treden. Als het niet van God is, is het van de duivel. Heel simpel. Waarom zou ik het leven gecompliceerder maken dan het is?"


28. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat God zondeloos is en dus niet dood kan gaan (en Nietzsche was een klein opdondertje.)

"Als God dood zou zijn, zoals dit anti geloofs jochie zei, dan zou hij ook op hebben gehouden te bestaan. God kan niet doodgaan, want om dood te gaan moet je zondigen, en dat is ÚÚn ding dat God nooit zal doen. Grappig... zelfde idee als een baby die probeert te schoppen tegen een t-rex ofzow.. ".


29. Het christelijk geloof heeft gelijk; God heeft de aarde slechts tijdelijk overgegeven aan de Satan.
"Ik heb al vaak uitgelegd dat God in deze bedeling (Aion) de wereld heeft overgegeven aan satan, satan regeert op dit moment, al zingen vele gelovigen De Heer regeert! Dit is onjuist. Het koninkrijk van Christus is nog niet aan de macht om het zo te zeggen. De vervallen hut van David is nog niet opgericht!!!"


30. Het christelijk geloof heeft gelijk; de ellende bewijst het.
"Soms brengt God onheil over ons leven, om ons tot Hem te trekken, want als alles goed gaat, waarom zou je Hem dan zoeken?"


31. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat ik niets anders weet dan dat God bestaat, Jezus leeft en de Heilige Geest een realiteit is!
"Ik ben niet heilig, ik ben gewoon mens met m'n fouten en zal nog genoeg moeten leren, ook wat echte liefde is. Het enige wat ik kan zeggen is dat God echt bestaat en dat Jezus echt leeft en de Heilige Geest een realiteit is."


32. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat je 0,0 begrijpt van Gods Woord/plan!
"Hier ben ik zeer stellig in. Je bijbelkennis is zeer slecht. Je haalt zaken uit verbanden, je benoemt iets als einddoel terwijl het slechts de weg ergens heen is. Je begrijpt absoluut 0,0 van Gods woord/plan. Het is misschien een harde klap voor je, maar zo liggen de zaken. Ik vraag me eerlijk gezegd af wat je in 20 jaar tijd hebt bestudeerd."


33 Het christelijk geloof heeft gelijk omdat God zich voor niets hoeft te verantwoorden!
"Maar onthoud 1 ding, jij bent het klei, God hoeft zich voor niets te verantwoorden!"


33. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat jou een totaal verkeerd Godsbeeld is aangeleerd.
"Je boek en alle andere artikelen komen alleen hieruit voort, dat men je een totaal verkeerd Godsbeeld heeft geleerd." (opmerking aan mij persoonlijk).


34. Het christelijk geloof heeft gelijk, en mijn inzicht in de hel wordt steeds beter!
"Ik weet dat ik God nog niet ken zoals Hij is en ik ben benieuwd of andere denkbeelden over de hel mij dichter bij God kennen zoals hij is brengen."


35. Het christelijk geloof heeft gelijk omdat God zo rechtvaardig is dat hij zelfs zijn eigen zoon afslacht!
"God is een rechtvaardig God die zelfs zijn eigen zoon niet gespaard heeft om onze zonden op zich te nemen en te verzoenen."


36. Het christelijk geloof heeft gelijk omdat je er anders niet uitkomt!
"Als je Jezus loslaat, ga je gewoon je eigen gedachten volgen. En komen we er niet uit. Al lijkt het bevrijdend omdat je precies kan doen wat je zelf ideaal lijkt."


37. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat het gelijk heeft!
"Waarom men dan gelooft dat het waar is? Omdat men gelooft dat wat in de bijbel staat echt waar is, en dit staat er nu eenmaal ook in."


38. Het christelijk geloof is waar omdat het de straf en toorn en hel dan volledig buiten ons gezichtsveld stelt.
"De straf en toorn en de hel en wat je er verder ook van leest, is volledig buiten ons gezichtsveld en we zullen er nooit mee te maken krijgen als je Jezus aanvaardt als de oplossing van de probelem waar ieder in is, of ze dat nu onderkennen of ontkennen."


39. Het christelijk geloof heeft gelijk, omdat ik niets anders kan bedenken!
"Indien de Bijbel niet het woord van God is, waar blijven we dan?"