Robert Ingersoll: Enige vergissingen van Mozes
Hoofdstuk 12




Zaterdag

Op deze laatste dag van het scheppingswerk zei God:


'De aarde moet allerlei levende wezens voortbrengen: vee, kruipende dieren en wilde dieren.' En zo gebeurde het. God maakte alle soorten in het wild levende dieren, al het vee en alles wat op de aardbodem rondkruipt. En God zag dat het goed was.


Bestaat er een Almacht, niets is dan zekerder dan dat deze macht werkt in overeenstemming met wat wij natuurwet noemen. Pas wanneer er iets op aarde gevonden kan worden wat niet is voortgekomen uit iets anders, wat eraan voorafging, dan wordt het tijd om over het "en zo gebeurde het" en het "er zij" na te denken. Er zal een tijd geweest zijn dat er noch planten, noch dieren op aarde waren. De vraag is nu of ze op natuurlijke wijze tevoorschijn kwamen. Indien we Mozes moeten geloven, dan zijn alle plantaardige en dierlijke levens het resultaat van een bijzondere ingreep van God, geheel onafhankelijk van de werking van natuurwetten. Zoiets is zo onwaarschijnlijk, zo in strijd met de menselijke ervaring, dat wij het niet kunnen aannemen, tenzij wij de basis voor ons wetenschappelijk denken geheel opgeven. Men zou nog kunnen beweren dat we het 'heilige verhaal' niet goed begrijpen. Hierop antwoord ik, dat de Joden en de Christenen het verhaal duizenden jaren letterlijk als waarheid hebben beschouwd. Indien het ge´nspireerd is dan heeft God ook geweten hoe mensen het verhaal zouden begrijpen. Een mens kan natuurlijk verkeerd begrepen worden wanneer hij iets schrijft. Maar wanneer de schrijver -zoals in het geval van God- vooraf wist dat hij verkeerd begrepen zou worden, dan zou hij andere woorden bezigen om zijn werkelijke bedoeling maar te laten uitkomen. Indien hij zoiets niet zou doen, dan zouden we hem ervan beschuldigen met opzet misleidende woorden te schrijven, en dus oneerlijk was. God wist dat de mens door het bijbelverhaal misleid zou worden omtrent de tijd en de orde van de schepping. Hij wist ook dat de mens zich kinderachtige en bespottelijke voorstellingen van de Schepper zou maken. Hij wist dat het heilige verhaal gebruikt zou worden om slavernij en polygamie te bevorderen. Hij wist dat het zou uitlopen op gevangenissen voor de goeden en zelfs op brandstapels voor hen die er anders over dachten. Hij had het daarom zeer zeker moeten voorkomen dat men op zulke foutieve interpretaties van zijn woord zou kunnen komen. De Alwetendheid heeft geweten dat duizenden, miljoenen mensen de bijbel nooit zouden geloven, en dat dit aantal zich altijd maar zou vermeerderen, naarmate de beschaving en de ontwikkeling zou toenemen. Deze situatie had voorkomen moeten worden.


Laten we elkaar goed begrijpen. Een oprecht mens gebruikt volgens zijn verstand de best mogelijke woorden om zijn bedoeling uit te drukken. Men kan van hem niet meer verlangen. Hij weet niet beter. Maar een Alwetend Wezen weet niet alleen de juiste bedoeling van zijn woorden, maar ook de bedoeling die de lezers erin zullen lezen. God heeft geweten welke uitleggingen Hij eraan had moeten toevoegen om misverstand te voorkomen. Indien een Alwetend Wezen in zijn openbaring bepaalde dingen niet in woorden kan uitleggen, is het ˇf vanwege dat woorden niet toereikend zijn, ˇf omdat het niet van belang is om ze aan ons uit te leggen. Men kan gerust aannemen dat er miljoenen mensen zijn aan wie een openbaring niet besteed is, zelfs als ze in de meest eenvoudige bewoordingen gegeven zou worden. Men zou zich kunnen afvragen waarom God zo nodig mensen met zo weinig verstand schiep. Men antwoord hierop in de regel dat de openbaring net zo eenvoudig is dat iedere zwerveling en zelfs dwaas het kan bevatten. De stelling moet met het oog op de geschiedenis van het christelijk geloof echter verworpen worden. Want elke bestaande geloofssekte is er een bewijs van dat God zijn wil niet duidelijk genoeg aan de mens heeft geopenbaard. Want iedere lezer van de bijbel vat hem anders op. Vanwege de juiste interpretatie van de schrift zijn zelfs eeuwenlang oorlogen gevoerd. Indien het dus door een Alwetende God geschreven zou zijn, dan had Hij zeer zeker geweten dat het hierin zou resulteren, en mogen we Hem ervoor aansprakelijk stellen.


Is het niet oneindig verstandiger te beweren dat dit boek eenvoudig mensenwerk is? Het is een werk waarin waarheid en onwaarheid met elkaar vervlochten zijn. Het is een werk dat volledig de normen en waarden en uitdrukkingen van de tijd waarin ze werd geschreven weerspiegelt. Bestaan er fouten in de bijbel dan zijn ze natuurlijk door de mens gemaakt. Is er iets in strijd met de natuurwetten, dan komt het op rekening van de mens. Vinden we er iets onzedelijks in, dan dienen we te beseffen dat het zot is ze aan een God toe te schrijven die aanbidding waard is.